Tagarchief: Spraakgebrek

Ik hep een splaakgeblek

Lees voor met webReader

Nee, ik kan praten en ik ben (heel) goed te verstaan. Het praten gaat ook op het normale tempo. Maar zodra ik moe ben is het een ander verhaal, dan wordt ik wat moeilijker te verstaan. Daarnaast komen de woorden er dan wat krommer uit en soms heb ik een soort black-out en krijg ik er sommige moeilijke woorden er niet uit. Het levert soms behoorlijke leuke situaties op en de tranen lopen soms over mijn gezicht van het lachen. Je kan je voorstellen dat dat niet in mijn voordeel werkt als ik iets wil vertellen, maar ook dat blijft humor.

Er zijn woorden die ik al vanaf kleins af aan amper op de goede manier kan uitspreken. Wesp werd altijd weps en een psycholoog werd een spiegeloog genoemd. Mijn ouders hebben mij tot in de treure verbeterd en natuurlijk werd er ook heel hard om gelachen. Op een gegeven moment werd ik naar een logopediste gestuurd en die heeft een hoop oefeningen met mij gedaan. Van haar moest ik zelfs van die zure matten snoepjes eten, dat zou mijn mondspieren stimuleren. In het begin vond ik ze smerig, tegenwoordig vind ik het jammer dat ze nog amper verkrijgbaar zijn!

Toen ik naar speciaal onderwijs ging moest ik ook even naar een logopediste, maar na een paar keer had ze al gezien dat ik geen problemen met praten heb en mocht ik wegblijven. Daarna heb ik nooit meer zo’n persoon gesproken. Maar hoe ouder ik werd hoe duidelijker het werd dat ik toch wat meer moeite met praten heb dan andere. Alleen het valt nog steeds niet echt op, je moet mij echt kennen om het verschil te horen. Mijn ouders zeiden – afgelopen februari op de terugweg naar huis van mijn skireis – dat ze aan mijn praten konden horen dat ik moe was.

Alleen de laatste tijd heb ik een nog leuker probleempje. Soms kom ik opeens niet meer uit mijn woorden. Ik ben gewoon aan het praten en opeens krijg ik het woord dat in mijn hoofd zit niet meer uit mijn strot. Hoe harder ik me probeer te bedenken hoe ik het woord ook alweer uit mijn strot moet krijgen hoe minder het me lukt om te zeggen wat ik wil zeggen. Artsen weten niet wat ze er mee aan moeten, ze kunnen niet bedenken waar het door zou moeten komen. Maar dat maakt niet uit want mijn ouders en ik hebben er de grootste lol om!