Tagarchief: Overzicht

Hoe koop je een nieuwe laptop (als je hersenletsel hebt)

Lees voor met webReader

Ineens is ‘ie kapot. Geen enkele toets noch het scherm doet het meer. Ik schrik behoorlijk en het doet me in één klap realiseren hoe afhankelijk ik van die kleine witte doos ben. Mail, sociale media, mijn website en google zijn mijn lifeline geworden. Er dus moet er een nieuwe laptop komen, en wel op niet al te lange termijn.

Maar hoe? Want complexe beslissingsprocessen, waarbij ik veel informatie moet verzamelen en keuzes moet maken, vreten energie. En als het dan ook nog een product als computers betreft, waar ik niet zo veel van weet en waar Pierre mij altijd mee hielp, tikt dat qua punten nog eens extra aan.

Als ik dat aan vriend S., een goede vriend van Pierre, mail, biedt hij heel aardig meteen zijn hulp aan. Hij vind het zelfs leuk om mee te denken. De eerste stap is om mijn wensen op een rij te krijgen. Ik beantwoord vragen als:

  • waarvoor gebruik je je computer?
  • heb je een voorkeur voor Apple of Windows?
  • welke randapparatuur wil je gebruiken?
  • heb je speciale, extra wensen?
  • heb je een voorkeur qua merk of design?
  • en niet onbelangrijk: wat is je budget?

Mijn belangrijkste speciale wens heeft te maken met mijn beperkingen. Ik wil heel graag een zo stil mogelijke laptop met een zo rustig mogelijk beeldscherm. Als ik die vraag op twitter stel, gaan de meeste antwoorden in de richting van Apple. Daar moet ik even van slikken omdat ik opzie tegen het wisselen van besturingssysteem. Bovendien werkte ik bij 2 werkgevers met Apple en vond dat, in tegenstelling tot de meeste mensen, geen prettige ervaring.

Wat nu? S. velt het vonnis als hij mij een spreadsheet stuurt met een overzicht van Macbooks. Diegene, die aan mijn wensen voldoet, kost het 3-voudige van mijn budget. Dat vind ik te veel en dus valt Apple af.

Verder dus met Windows laptops. S. speurt het internet af, vraagt collega’s het hemd van het lijf, vertaalt mijn wensen in technische specificaties en zet de opties op een rij. Voor snelle hapsnap activiteiten als het gebruik van sociale media en korte bezoekjes aan het internet komt daarbij ook nadrukkelijk een tablet in beeld.

We spreken af om spijkers met koppen te slaan als ik een week bij hen in Friesland logeer. Als het zover is, nemen we eerst alle beschikbare informatie door en bereiden ons voor op een bezoek aan MyCom, een relatief rustige, overzichtelijke computerwinkel met een goed assortiment. Ons belangrijkste doel is om uit te vinden welk type scherm voor mij rustig kijkt.

In de winkel concentreren we ons eerst op de tablets. Helaas kijkt de duurste het fijnst, dat is niet echt de gewenste conclusie. Dan de laptops. Het wordt duidelijk dat een mat scherm van 15 inch met een behoorlijk hoge resolutie in combinatie met een laag ingestelde helderheid voor mij verreweg het comfortabelst is.

Eén laptop bevalt me in het bijzonder. Die heeft om te beginnen een mooi design en blijkt ook nog alle technische features te hebben, die we van te voren bedacht hadden. Eén daarvan is een 128GB SSD harde schijf met (voor mij) als belangrijkste eigenschap dat ‘ie superstil is. Het grootste nadeel is dat deze laptop een stuk duurder is dan gepland.

Na 3 kwartier verlaten we opgetogen de winkel. We zijn veel wijzer geworden, ik ben door de goede voorbereiding en hulp niet al te overprikkeld en mijn keuze is, tegen de verwachting in, eigenlijk wel duidelijk.

Het wordt de goedkoopste Samsung tablet in combinatie met de dure Samsung NP900 laptop, die S. nog geen week later, helemaal geïnstalleerd en wel, komt brengen. Wat een luxe! Nieuwsgierig zet ik hem aan. Het eerste dat opvalt is dat hij zo ontzettend stil en enorm snel is. Wat een genot. Wat scheelt dat veel!

Dan mijn indruk van Windows8. Ik vind het fijn. Het werkt heel intuïtief en is zeer gebruikersvriendelijk. Je kunt het zo ingewikkeld maken als je wilt maar ook heel simpel en overzichtelijk. En dus heeft S. voor mij een heel clean startscherm gemaakt. Het is even wennen maar al vrij snel vind ik mijn weg. En als de post dan namens Microsoft ook nog een creatieve verrassing bezorgt, begin ik het kopen van een nieuwe computer bijna leuk te vinden.

Ik ben dus blij met mijn aanwinsten. Vooral omdat ik nu computerapparatuur heb, die bij mij (en mijn beperkingen) past. Dat is zó fijn en absoluut een lichtpuntje. Alleen, in mijn uppie had ik nooit tot zo’n weloverwogen keuze kunnen komen. Daarom ben ik S. ongelofelijk dankbaar voor zijn onbaatzuchtige hulp. Dat iemand ergens zoveel tijd, energie en moeite insteekt en dan ook nog zo consciëntieus en zorgvuldig te werk gaat. Dat is voor mij het grootste lichtpuntje aan dit hele computerproject. S.: dank je wel!

Van mantel naar nerd

Lees voor met webReader

Door Gerdien Brinkman

Als je grote moeite hebt met het ordenen van stapels (kleren, papieren, noem maar op) ben je stapelgek. Dat ben ik.
In dezelfde mate ben ik apparatengek. Ik kan goed met apparaten omgaan, daar niet van, maar als ze het niet doen, ga ik net zo lang door met problemsolving tot ik er stápelgek van ben geworden.

Deze week ben ik dus stapelgek geworden van apparaten. Dat zit zo.
We hebben een drie-in-één abonnement genomen: tv, telefoon en internet bij dezelfde provider. Dat betekende nogal wat herprogrammering zo hier en daar.
Gelukkig kwam er een expert (onthoud de benaming) om die klus te klaren. Vier uur.
Na vier uur geklungel kon hij melden dat het af was.

“Waar is het modem?”, was de allereerste vraag die hij stelde. Aangezien ik me er maar niet mee moest bemoeien, want te vermoeiend, gingen mantel en expert samen opzoek naar het modem met de adsl-aansluiting. Onder de grond, in de meterkast, bellen met de vorige eigenaar –die in Thailand bleek te verblijven-: niets vermocht het door de expert rood gewaande ding boven tafel te brengen.
“Maar dat is toch gewoon dàt ding?”, zo wees ik het modem aan dat op het bureau stond, “ mèt adsl-aansluiting”.
Ja dat was ‘m. Zwart weliswaar, maar ’t was ‘m.

Ik zal je de rest van de ellende besparen. Alleen nog één ding(etje). De telefoon kwam te vallen de volgende dag en was nogal kapot. Nou, daar was een mouw aan te passen: een nieuwe gehaald.
Die het na vier uur puzzelen, logisch nadenken enzovoorts, nòg niet deed.
Na raadplegen van de provider (mantel was inmiddels een regelrechte nerd geworden) was het probleem na 2 uur opgelost.

Maar toen verviel internet op alle pc’s, I-pad en telefoons.
Nerd en ik hebben alle problemen getackeld, maar stápelgek zijn we er wel van geworden.

gerdien2

Op weg naar zelfstandigheid

Lees voor met webReader

Door Zarah Bootsman

Zelfstandig worden. Dat is hetgeen wat ik graag wil. Zelfstandig over straat kunnen.

Ik ben naar een revalidatiearts geweest, maar zij kon mij niet helpen. Er was al teveel gedaan, te weinig bereikt. Volgens haar. Ik ben het er niet mee eens. Ik bereik echt wel dingen. Alleen gaat alles een beetje langzamer.

Sinds kort ga ik met de stadsbus naar mijn dagbesteding. Ik heb zelf uitgezocht welke bus ik kan nemen, ik loop zelf naar de bushalte en stap in. Vervolgens stap ik bij de juiste halte uit en loop naar mijn dagbesteding. Best wel veel stappen voor iemand met autisme en hersenletsel, maar ik krijg het voor elkaar. Nu moet wel gezegd worden dat ik niet gevaarlijk over hoef te steken, dus mijn zichtprobleem wordt uitgeschakeld.

Ik hoop steeds verder te groeien in mijn zelfstandigheid. Ik hoef echt niet alles te leren, maar de basisvaardigheden om me staande te houden in dit leven zijn toch wel handig om te kunnen. Want afhankelijk zijn….. Daar houd ik niet van!

zelfstandigheid-280x3001

Met/zonder lijstje, met/zonder kast

Lees voor met webReader

Door Tess

Vriend I kwam mijn nieuwe huis bewonderen. Hij bleef stilstaan voor de keukenkast. ”Ben je debiel of zo?’’, vroeg hij. ”Of ben je tijdens je vakantie autistisch geworden of zo?’’. Fijn van die eerlijke en recht-voor-zijn-raap vrienden.

Vriend I doelde op het lijstje dat op het magneetbord van mijn keukenkast hangt. Op het lijstje staat voor een aantal activiteiten wat ik moet doen: voordat ik de activiteit ga doen of voordat ik ergens heen ga. Wat moet er in mijn tas als ik ga werken, wat als ik ga trainen en wat als ik uit logeren ga?

Omdat ik anti-kraak woon deel ik de douche met vijf medebewoners. Een beetje opschieten op deze ’s ochtends zo populaire plek is dus wel zo netjes. Daarom staat er ook op het lijstje wat ik moet meenemen als ik ga douchen. Om te voorkomen dat ik eerst een half uur door mijn huis rondjes ga lopen om mijn spullen bij elkaar te zoeken. Er vervolgens al twee buren zijn voor gepiept. Ik na een half uur eindelijk in de douche sta en er alsnog achter kom dat ik mijn badjas ben vergeten (Mijn buurmannen zijn aardig hoor. Maar ik heb nou niet echt de behoefte om ze ’s ochtends te entertainen). Ik weer terug kan voor die badjas. En er vervolgens weer iemand is voor gepiept.

Het lijstje geeft mij houvast en een stukje rust. Ik weet wat ik moet doen. Ik kan mij concentreren op dat wat ik moet doen en hoef niet bezig te zijn met wat ik nu en straks moet doen.  Vroeger had ik dit lijstje ook al. In de binnenkant van mijn kast. Want ik schaamde mij ervoor. Wanneer mensen in die kast wilden komen bedacht ik smoesjes. Ik denk dat veel mensen de wildste ideeën hadden over wat er toch wel niet in de kast zou liggen.

Nu schaam ik mij niet meer. Hij hoort bij mij. De één heeft een rolstoel als hulpmiddel en ik heb een lijstje. Nou ja… ik lieg een beetje. Toen vriend II later mijn huis kwam bezoeken haalde ik het lijstje weg. Als vriend I al opmerkingen had, wat moest de nog stoerdere en flab-uiterige vriend II wel niet denken. ”En bevalt het op jezelf wonen een beetje?’’, vroeg vriend II. Ik vertelde over de vrijheid en de mooie centrale plek. Toen vroeg hij of ik het red met plannen en regelen. Stoer antwoordde ik: ”Ja, waarom niet?’’. ”Nou.’’, zei hij. ”Ik zie hier nergens lijstjes hangen. En dat is toch wel belangrijk als je je eigen huishouden runt. Zeker voor jou. Maar daar kom je nog wel achter.’’

lijstjes

Stapelgek

Lees voor met webReader

Door Gerdien Brinkman

Ik ben niet gek op stapels.
Eén stapel ordenen: ik raak geïrriteerd tot overstuur.
Ik geef wat voorbeelden.

Koffers kan ik niet inpakken; dan moet je eerst stapels met kleren hebben, gerangschikt naar soort en voldoende voor gebruik in den vreemde. Daar waar ik vroeger onnadenkend wat T-shirts, broeken en dergelijke in een koffer pakte, sta ik nu wanhopig tussen stapeltjes, vind ze niet logisch en begin opnieuw. ( Eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik me tegenwoordig verre van koffers houd. Mantel verzorgt dat deel van de reis. Ik doe het eten, dat dan weer wel.).

Het meest fameuze voorbeeld van falen in één stapel gebeurde bij het afscheid van een collega.
Hij had mij verzocht de toespraak te houden, hij is ziek en diende vroegtijdig afscheid te nemen.
Verdrietig; toch was ik blij dat hij, samen met zijn vrouw, de stap naar mij had gezet.
En natuurlijk stemde ik toe.
Ik ben nauwgezet in het voorbereiden van toespraken, dat ben ik altijd geweest.
Op de receptie was het zeer druk, de akoestiek niet erg NAH-fähig, en halverwege was ik een vel van mijn toespraak kwijt.
Geef de pagina dan ook nummers, zul je zeggen!
Nah, ik zeg je: dat deed ik, maar daar kijk je niet naar. Je kijkt naar de toegesprokene, en naar de aanwezigen daaromheen.
Ik stokte, het was en bleef stil….en dáár kwam de Mantel uit het publiek tevoorschijn. Ze had een duplicaat van de toespraak bij zich, mèt de ontbrekende pagina.
Geen paniek, ik kon gewoon doorgaan.

Maar die stapels; meer dan één is al genoeg om me stapelgek te maken. Telkens opnieuw rangschikken, herrangschikken (ook al heb je alle pagina’s genummerd: probeer maar eens een artikel of –erger!- een boek te schrijven en daarmee aan het redigeren te gaan. Gaat niet. Geen overzicht, lees de blog van Zarah er maar op na.)
Volgend voorbeeld.
Een vergadering met tot dat doel gemailde stukken, die dan ook nog op twee PC’s en een Ipad binnengekomen en wel/niet opgeslagen zijn.
Ik kreeg de stapels, die ik naar mijn beste weten een aantal weken daarvoor al keurig gestapeld had, niet meer boven tafel. Waarschijnlijk weggegooid, want ik had in plaats daarvan twee stapels met het manuscript van mijn boek. Niet erg ter zake op dat moment.
In de vergadering – het betreft de Cliëntenraad van een revalidatiecentrum voor NAH- zat ik naast een mede-NAH-er. Samen hadden we het hele stapeltje wel zo’n beetje compleet, maar het blééf zoeken, bladeren en omstapelen.

Máárrr, er zijn altijd oplossingen, waaronder de volgende.
Eén stapel tegelijkertijd, en deze een kleur geven: wij, rode pagina’s, horen bij elkaar.
Die blauwe: néé, niet hierbij!
Een /je mantel inschakelen, vermits die tijd, zin en overzicht heeft.

En ach, enfin: er zijn zó veel andere tips. Men leert er mee te leven zonder èrg moe en impelstimpelstapelgek te worden.
Echter: stapel(tjes)gek ben ik wel.

Frau-im-Papier-Chaos

Race tegen de klok

Lees voor met webReader

Door Tess

12.00 uur
Ik stap uit de metro in Amsterdam. Ik zie een gemiste oproep van een vriendin. Snel bel ik haar terug. De vriendin wenst mij veel succes met mijn examen en praat mij nog even wat moed in. ”Nu gaan we gauw hangen. ”, zegt ze. ”Ga jij nou maar opzoek naar de examenlocatie. Straks kom je nog te laat. ” Ik vertel haar dat ik nog een uur heb en dat het dus wel bijzonder knap is om te laat te komen.

12.15 uur
Met de navigatie op mijn mobiel ga ik op pad. Deze heeft alleen geen idee waar ik ben en laat mij rondjes lopen.

12.30 uur
Ik besluit mijn mobiel weg te doen. Ik heb zelf ook totaal geen richtingsgevoel en kaarten lezen is door mijn gebrek aan inzicht een ramp. Ik besluit de weg te vragen aan een voorbijganger. De man die ik aanspreek blijkt een bekende te zijn in de buurt. Volgens hem moet ik nog een kwartiertje lopen, twee keer links en drie keer rechts.

12.45 uur
Ik ben op de plek waar de man mij naar toestuurde. Maar ik zie geen examenlocatie, geen aanknopingspunt. Niets. Ik besluit een man aan te spreken. ”Meissie”, zegt die. ”Je bent hier zeker niet in de buurt. En wat doe jij trouwens in je eentje in De Bijlmer? Vinden je ouders dat wel goed? ” Weer wat geleerd vandaag. Amsterdam Zuid-Oost is dus in De Bijlmer. Dat wist ik niet, mijn ouders dus ook niet en dat laten we maar even zo, al voel ik mij totaal niet onveilig.

13.00 uur
Nog een kwartier, dan begint het examen. Ik krijg een helder moment en besluit de opleiding te bellen. Wellicht kunnen zij mij telefonisch de weg wijzen. Ik omschrijf de grote gebouwen om mij heen. Bij de vrouw aan de andere kant van de lijn gaat geen lichtje branden. Ze zegt de buurt op haar duimpje te kennen. Ik ben dus echt een eind uit de richting. Tot een half uur te laat mag ik de examenzaal nog in. Ik heb nog tot 13.45 uur.

13.15 uur
Ik besluit terug te rennen naar het metrostation en daar nogmaals te bellen. Volgens 9292OV was het namelijk maar vier minuten lopen vanaf het metrostation. Al rennend kom ik een man tegen. Iets in mij zegt dat hij de weg weet. En ja hoor… hier het water over en dan rechts, vertelt hij mij overtuigend.

13.30 uur
Zwetend, buiten adem, doodop en gestresst kom ik de examenzaal binnen. Ik besluit mijzelf 10 minuten rust te gunnen en dan te beginnen met het examen. De stress gaat langzaam weg, ik zet het knopje ‘vermoeidheid negeren’ aan en ga aan de slag.

16.15 uur
Mijn examentijd zit erop. Het examen was pittig, maar met zo’n start mag ik al onwijs trots zijn dat ik alle antwoorden heb ingevuld en nagelezen. Ik kan wel lachen om mijn avontuur. Zeker wanneer ik het opleidingsgebouw uitloop en recht tegenover het metrostation sta.

De uitslag laat nog even op zich wachten, kan ik mooi nog even uitpuffen.

8661316-persoon-symbool-in-een-rush-loopt-tegen-een-klok-in-een-race-met-tijd

Boodschappenleefregels

Lees voor met webReader

Door Marloes van Zoelen

Boodschappen doen is voor de gemiddelde hersenletselmens een lastige klus. De meeste supermarkten zijn namelijk dé garantie voor overprikkeling. Fel tl-licht, fijne achtergrondmuziek, pratende en drukdoende mensen, knallende kleuren, een ware kakafonie aan informatieborden en niet te vergeten de omvangrijke hoeveelheid om aandacht schreeuwende producten.

Kortom: een omgeving waar je, door er alleen maar te zijn, al gillend gek wordt. En dan hebben we het nog niet gehad over de vraag hoe je de juiste producten in je karretje krijgt. Want waar begin je als overzicht niet je sterkste kant is, je door de bomen meestal het bos niet meer ziet en je geheugen je in de steek laat?

Zie hier mijn probleem. Ik sprak het uit tegen de ergotherapeute, die daar helemaal niet van opkeek. Met dat bijltje had ze vaker gehakt. En dus gingen we therapeutisch boodschappen doen.

Daar liepen we dan op een dinsdagmiddag door de supermarkt. Of beter gezegd: zij kuierde met luid tikkende hakken in alle rust door de winkel en ik sjeesde er op mijn gympies als een dolle vandoor. Want dat had ik mezelf onbewust aangeleerd, zo bleek.

Ik vond het een vreselijk nare bezigheid, die me mega vermoeide. En dus deed ik het snel. Dan was ik er zo vlug mogelijk van af. Dacht ik. Met als gevolg dat ik volgens het instrument dat mijn dagplanning bepaalt, de activiteitenweger, dubbele punten verspeelde.

Dat moest dus anders. Samen hebben we een plan bedacht en daar volop mee geëxperimenteerd. Het heeft geresulteerd in de volgende boodschappenleefregels:
• spaar de boodschappen van de hele week op
• ga één maal per week op een vaste dag
• op een rustig moment
• naar een relatief kleine, overzichtelijke supermarkt
• ga altijd naar dezelfde winkel
• neem de tijd en doe het langzaam
• doe spraakdoorlatende (ja, die bestaan) oordoppen in.

Tot zover de tips, die je waarschijnlijk ook van elke personal organiser kunt krijgen. Maar nu de truc der trucs: de boodschappenlijst-in-blokjes. Hét middel om je boodschappenleven makkelijker te maken. Het kost wat energie (en dus punten) om zo’n lijstje de eerste keer te fabriceren, maar dan heb je ook wat. Zowel het maken van een lijstje als het boodschappen doen zelf wordt dan een peulenschil (bij wijze van spreken dan, hè…)

Het werkt als volgt:

Stap 1:
Noteer de volgorde van de afdelingen in jouw supermarkt volgens een vaste, logische looproute. Je analyseert als het ware hoe jouw supermarkt in elkaar zit. Bijvoorbeeld: eerst de groente- en fruitafdeling, dan vlees en vis, daarna het broodbeleg, enzovoorts.

Stap 2:
Zet de afdelingen in de juiste volgorde in een schema in de computer.
Per afdeling type je ook alvast de boodschappen in, die je (bijna) elke week koopt. Print een aantal van die lijsten uit. Zie mijn voorbeeld op de foto.

Stap 3:
Hang een lege lijst op in de keuken. Gedurende de week verzamel je hierop de dingen die je wilt en moet kopen. Eén keer per week op een vast moment vul je de lijst aan met de boodschappen, die je verder nog nodig hebt (voor je weekmenu).

Deze methode-op-maat maakt boodschappen doen voor mij veel makkelijker. En geeft me bovendien het idee dat ik de regie heb in de supermarkt en niet andersom. En dat is toch een lichtpuntje. Daarom noem ik mijn boodschappenbaaldag vanaf nu verrukkelijke vrijdag. Dan wordt het vast ooit ook nog wel eens een keertje écht leuk!

marloes blog

A t/m Z?

Lees voor met webReader

Door Tess

Nog een ruime twee weken te gaan. Dan doe ik examen, dan moet het gebeuren.
O, ik heb nog twee weken…
Nee, ik heb nog maar twee weken…
O, alleen nog even de puntjes op I…
Nee, de puntjes moeten nog op de letters A t/m Z…

Je hebt het misschien al door. Als ik examen zou doen voor de opleiding piekeren was ik zeker cum laude geslaagd. Maar mijn opleiding Communicatie geeft voor piekeren geen punten. Nee, ik moet het gewoon gaan doen.

Vijf maanden geleden besloot ik een plan te maken. Ik maakte een overzicht van alles wat ik moest leren en deelde dit door het aantal weken dat ik nog had. Dat ging de eerste weken goed. Maar natuurlijk kwamen er ook weken dat ik mij minder goed voelde en de planning niet ging halen. Dat probeerde ik de week daarna te compenseren. De stress liep dan echter zover op dat ik niets meer opnam. Ik besloot mijn planning los te laten. Ik begon bij hoofdstuk 1 en deed wat er in mijn vermogen lag. Dat ging als een speer, de stress van de deadline was weg. Ik nam alles in mij op.

Ik besloot een samenvatting van de boeken te maken. Die samenvatting werd echter langer dan de boeken zelf. Ik kon het onderscheid tussen wat belangrijk was en wat niet, niet goed maken. Ik sliep er niet van, dit ging niet goed komen.

Ik besloot mijn probleem te delen en kreeg een duidelijk advies:
Stop met samenvatten…ga alleen lezen…
Maak een proefexamen en kijk hoever je al bent…
Vertrouw op jezelf en kap met piekeren…
Ik maakte het proefexamen. En ja hoor, heel streng nagekeken kwam ik op een 6,8. Met nog twee maanden te gaan. Het vertrouwen kwam terug.

De afgelopen maanden las ik veel, ik maakte proefexamens en maakte een samenvatting met alleen de antwoorden op vragen die ik fout had in de proefexamens.

Straks ga ik mijn uiterste best. Ik ga ervoor. En mocht ik echt zo’n hopeloos geval zijn als ik af en toe denk, dan kan ik altijd nog de opleiding piekeren gaan doen. Of nog beter: een opleiding Nederlands, want op slechts twee letters van A t/m Z staan puntjes. Waarom verwacht ik dan van mijzelf dat ik ze op alle 26 zet? Let’s do it!

AZ

 

 

Lijstjes!

Lees voor met webReader

Door Geertje van der Velden

De laatste loodjes van de opleiding tandartsassistente, eindelijk, bijna klaar! Maar nu moet ik gaan leren voor mijn eindexamens. Hoe ga ik dit toch aanpakken? Ik kan door mijn hersenletsel heel moeilijk plannen. Wanneer ga ik wat leren? Ik moet 13 boeken kennen voor het theorie examen en dan voor het praktijkexamen alle protocollen van de behandelingen.

Vroeger heb ik ooit het boek ‘Lena Lijstje’ gelezen, dat meisje maakte overal lijstjes van. Ik doe dat nu ook, eigenlijk iedere dag wel. Klinkt misschien heel kinderachtig of vergeetachtig, maar het helpt echt! Hier staat dan op wat ik die dag wil doen. Meestal nummer ik het, nummer 1 is dan het belangrijkste en nummer 4 bijvoorbeeld zou ook morgen kunnen. Ik maak vaak genoeg mee dat ik helaas niet alles van mijn lijstje kan doen of af krijg, omdat ik onverwachts te moe ben, mezelf niet meer kan concentreren of ineens heel veel pijn heb. Dan kom ik weer bij veranderingen, daar heb ik ook heel veel moeite mee, dus wat heb ik van mijn lijstjes geleerd? Schrijf niet teveel dingen op een dag op! Wat vandaag niet hoeft, komt morgen wel!

Ik heb liever een lijstje dat iets te kort is en waardoor ik die dag tijd over houd of een extra rustmomentje in kan lassen. Dat is beter dan dat ik de helft niet afkrijg om wat voor reden dan ook en mezelf weer druk ga maken, omdat het dan verandert en dan heb ik weer hoofdpijn de rest van de dag.

Maar lijstjes kun je niet alleen maken voor wat je op een dag gaat doen, ik maak ze eigenlijk voor van alles! Naast de lijstjes voor wat ik die dag wil doen maak ik net zoals veel mensen boodschappenlijstjes, wat hebben we nodig? Ik kan moeilijk dingen onthouden, dus voordat ik de helft vergeet in de winkel heb ik mijn lijstje bij me!

Soms maak ik ook gewoon een lijstje wat er goed ging, als ik eventjes in een dip zit bijvoorbeeld. Dan maak ik een lijstje met positieve dingen, dingen die mij kracht geven en dingen die ik goed heb gedaan, zo kijk ik minder negatief naar de dingen die niet lukken of fout gaan.  Of ik maak een lijstje met dingen die ik nog graag wil hebben, zodat ik ervoor kan gaan sparen.

Het volgende lijstje buiten mijn daglijstjes om, wordt een lijst met dingen die ik nog wil doen in het leven! Dit heb ik pas geleden op tv gezien een zogenaamde ‘Bucket List’,  zo heb je altijd een doel om voor te vechten!

lijstjeslijstjeslijstjestodolist

Het probleem dat overzicht heet…

Lees voor met webReader

Door Zarah Bootsman

Vanmorgen zat ik op mijn kamer naar de televisie te kijken. Ineens viel mijn oog op mijn bak met snoertjes en kabeltjes. Even voor de duidelijkheid: mijn bak met kabeltjes en snoertjes is een grote bak gemaakt van papier-maché, helemaal vol met snoertjes, kabeltjes, koptelefoons, oude mobieltjes en zo verder. Ik erger me al een paar jaar aan deze bak. De kabeltjes lopen in een kluwen door elkaar heen en ze zijn bijna niet meer uit elkaar te halen. De meeste koptelefoons die erin liggen hebben allang de geest gegeven. Om over de mobieltjes maar niet te spreken. Ik vraag mezelf serieus af wat ik er mee moet, een mobieltje uit het jaar 1997 (beter bekend als ‘koelkast’).

Al een aantal jaar neem ik mezelf voor deze rotzooi voor eens en voor altijd uit te zoeken. Dingen weggooien die weg kunnen. Alleen dingen te bewaren die echt bewaard moeten blijven. En de rest genadeloos kennis te laten maken met de vuilnisbak.

Het is niet alleen een voornemen om dit te doen. Ik heb het al een aantal maal geprobeerd. Helaas zonder succes. Omdat ik door mijn hersenletsel een verminderd overzicht heb, is het een heel lastig karwei. Iedere keer pak ik vol goede moed de bak onder mijn televisiekastje vandaan. Ik maak het mezelf gemakkelijk door ernaast op de grond te gaan zitten. En dan kan het grote uitzoekwerk beginnen.

Oké, eerst die grote koptelefoon dan maar. Hmm, hij zit helemaal in de knoop. Hoe ga ik die ooit loskrijgen. O ja, het draad haakt daar achter vast. O nee toch niet. Ik snap het niet hoor, waarom zit hij nou vast, ik zie niet dat hij vast zit, ik zie alleen maar knopen. O ja, misschien als ik die knopen eruit haal, dat het dan lukt. Na een halfuur pielen met het draadje geef ik het op. Ik krijg de koptelefoon met geen mogelijkheid los.

Geïrriteerd kijk ik naar de bak. Ik ben een halfuur verder en nog geen ene meter opgeschoten. Oké, dan doe ik de mobieltjes. Bedenk ik niet zonder doorzettingsvermogen.

Ik probeer een mobieltje te pakken, maar boven op die mobieltjes liggen ook nog van allerlei draden die in de knoop zitten. Hoe ik ook probeer, ik kom niet bij de mobieltjes in de buurt.

Inmiddels toch wel hopeloos geworden kijk ik richting de bak. Ik probeer nog één keer een kluwen draden uit de knoop te halen. Waarbij ik het alleen maar erger maak.

Uiteindelijk schuif ik de bak terug onder mijn tv-kastje. Zo ver mogelijk. Op een plek waar ik hem niet kan zien. Want als ik het probleem niet zie, heb ik ook mijn probleem oplossend vermogen niet nodig. Deze oplossing werkt. Tot dat ik me over een paar maanden weer ga irriteren en dan begint deze hele soap weer opnieuw.

draden in de knoop