Tagarchief: Opleiding

Mijn eerste stageperiode

Lees voor met webReader

Lange tijd heb ik niets meer laten horen dit kwam ook omdat ik simpelweg niet wist waar ik over moest schrijven.

Van 5 september tot 19 januari 2017 heb ik stage gelopen bij de Gemeente Bergen op Zoom (Noord-Brabant). Tijdens deze stage ging het er vooral omdat ik kennis zou maken met de werkvloer. Ook heb ik voor school een onderzoek moet uitvoeren in het kader van mijn opleiding. (Juridisch Medewerker).

De afdeling waar ik stage liep was de afdeling Personeel en Organisatie, op deze afdelingen voeren ze eigenlijk alles uit met betrekking tot het personeel. Hierbij kan men denken aan het aannemen van nieuwe mensen, afwijzen van sollicitaties et cetera.

Mijn voornaamste werkzaamheden bij de gemeente Bergen op Zoom waren verdelen van de interne post, sollicitaties printen, sollicitaties afwijzen, Excel bestanden maken en het verwerken van gegevens.

Tijdens deze stage kwam ik erachter dat het werken op de afdeling Personeel en Organisatie niets voor mij is omdat ik meer vraagstukken zou willen krijgen vanuit de maatschappij zelf. Ik denk dan bijvoorbeeld aan het aanvragen van een rolstoel, als dat niet lukt ,waarom lukt dat dan niet?

Overigens ben ik wel blij dat ik nu ervaring heb opgedaan op de werkvloer, nu weet ik namelijk ook hoe het is om met collega’s samen te werken.

Ik heb mijn stage met een voldoende kunnen afsluiten, dit geeft mij en hopelijk ook andere met een beperking een goede positieve boost om er voor te gaan ook al kan het soms moeilijk zijn.

Momenteel ben ik weer bezig met school, het tweede leerjaar van de opleiding, dit jaar bestaat voornamelijk uit projecten en een aantal toetsen.

Noortje

Hoe gaat het op het MBO (2)

Lees voor met webReader

Hoe gaat het nu vier maanden later op het MBO?

Zoals jullie weten ben ik per 1 september 2015 begonnen aan de opleiding Juridische dienstverlening. Ik heb het nog steeds erg naar mijn zin op de opleiding, ik haal goede cijfers en mijn beperking is eigenlijk gewoon niet aanwezig vind ikzelf. Ik ondervind geen hinder van mijn beperking op school, ik kan overal heel goed komen met mijn rolstoel.

Afgelopen week heb ik een gesprek gehad over mijn voortgang op de opleiding. Ik heb tijdens dit gesprek te horen gekregen dat ik op de opleiding mag blijven, dit evaluatiegesprek was afgesproken tijdens het intakegesprek, ze zouden na twee periodes kijken of ik mocht blijven. Omdat ik een beperking heb is het voor de school moeilijk inschatten of ik het aankon, ik was natuurlijk al heel blij dat ze mij aannamen dus die ‘proefperiode’ maakte voor mij niet zoveel meer uit.

Ze hebben zelfs gezegd dat ik in aanmerking zou kunnen komen om de opleiding versneld te kunnen doen vanwege mijn goede cijfers en beroepshouding. Van het versnelde traject heb ik toch afgezien omdat het maar een half jaartje zou schelen. Als ik het versnelde traject zou gaan doen dan heb ik waarschijnlijk ook geen plezier meer in mijn studie omdat de werkdruk dan in een keer erg hoog is. Nu kan ik het prima bijhouden en heb ik nog veel vrije tijd over.

Ook heb ik met hulp van een docent een stage kunnen regelen, zoals jullie weten is het zoeken naar een geschikte stage wel eens een opgave als je een beperking hebt. Ik ging op sollicitatiegesprek, dit was best spannend want het was mijn allereerste sollicitatiegesprek, gelukkig waren de mensen daar erg enthousiast en hebben ze mij aangenomen.

Kortom, ik heb het erg naar mijn zin op de opleiding en ik hoop dat jullie ook kunnen leren van mijn ervaringen binnen het reguliere onderwijs.

Participeren kan iedereen leren

Lees voor met webReader

De laatste jaren is er steeds meer aandacht voor het feit dat kinderen met een beperking naar een reguliere school moeten kunnen gaan. Passend onderwijs moet de norm worden. Voor onderwijzers en het andere personeel van reguliere scholen is dit vaak een moeilijke opgave, want het kost hoe dan ook meer inspanning om het onderwijs voor deze leerlingen op een goede manier vorm te geven. Het biedt echter ook veel kansen. Niet alleen voor het kind met de beperking, maar ook voor de andere kinderen in de klas en de onderwijzers. Deze positieve effecten zouden veel meer naar voren gebracht moeten worden. Daarom wil ik jullie graag deelgenoot maken van mijn ervaringen.

Ondanks mijn fysieke beperking ben ik vanaf groep 1 van de basisschool naar het regulier onderwijs gegaan. Soms had het wel wat voeten in de aarde, maar keer op keer hebben mensen, inclusief mijn ouders, de schouders eronder gezet om alles te regelen voor mij, zodat ik het onderwijs kon blijven volgen. Enkele voorbeelden: altijd ambulante begeleiding, een laptop vanaf groep 3, aangepast toilet, een helm op op het schoolplein, een liftsleutel op het VWO en extra begeleiding op mijn stageplek op het HBO. Echt veel vrienden heb ik nooit gehad, maar er waren altijd wel een paar mensen in mijn klas waar ik mee op kon schieten. Het belangrijkste is dat ik heb geleerd om te integreren in de samenleving. Langzaamaan heb ik geleerd om mijn stem te laten horen en mensen niet meer over me heen te laten lopen.

In mijn schoolcarrière heb ik in diverse klassen gezeten en heb ik verschillende onderwijzers gehad. Lang niet iedereen heeft het laten merken, maar ik denk zeker dat kinderen en onderwijzers wat van mij hebben geleerd. Zo heeft mijn vriendin van de middelbare school gezegd dat ze door het zijn van mijn vriendin mensen met een beperking als ‘normaal’ behandelt. Ze weet immers dat ‘anders’ handelen nergens voor nodig is. Daarnaast hebben onderwijzers soms wat creativiteit moeten inzetten om mij het lesprogramma te laten volgen. Voor diverse onderwijzers werden de ogen geopend toen ik in zes jaar mijn VWO-diploma haalde. Deze voorbeelden bewijzen dat het alleen maar goed is dat de samenleving met mensen met een beperking in aanraking komt.

Doordat ik deze weg heb bewandeld, kost het mij nu minder moeite om mee te doen in de maatschappij en dat ervaar ik als zeer positief. Ik gun iedereen met een beperking en deze kans. De mensen zonder beperking gun ik om met mensen met een beperking in aanraking te komen. Mijn idee is dat het dan ook veel makkelijker wordt om de maatschappij zo vorm te geven dat iedereen mee kan doen. Het moet er bij beide partijen met de paplepel in gegoten worden en daarom begint inclusie bij regulier onderwijs.

 

 

Hoe is het op het MBO?

Lees voor met webReader

Per 1 september ben ik begonnen met mijn MBO-opleiding Juridisch medewerker niveau 4.

Ik vond het erg spannend want ik wist niet bij wie ik in de klas zou komen en hoe de mensen zouden reageren op mijn beperking.

Gelukkig ben ik volledig geaccepteerd door mijn klasgenoten. Ze helpen mij goed wanneer het nodig is. Ik ben wel iemand die het liefst alles zelf doet, maar wanneer het echt niet lukt vraag ik wel om hulp.

Ik kreeg in het begin een beetje het idee dat ze het mij makkelijker wilde maken dan mijn klasgenoten. Ik zei tegen de docent ‘’Nee ik doe gewoon wat de rest van de klas ook doet’’

Ik wil namelijk niet anders behandeld worden dan mijn klasgenoten. Als iets echt niet gaat dan laat ik dat zelf echt wel weten, dan kan ik zelf een oplossing bedenken voor het probleem.

Het klinkt misschien gek maar ik voel me veel beter op deze school dan op mijn vorige school, mijn vorige school was een ‘’Voortgezet speciaal onderwijs’’. Ik denk dat het ook te maken heeft met de opleiding die ik volg omdat ik bij deze opleiding iets doe wat ik leuk vind en waarin ik ook verder kan studeren.

Ook ben ik nu eerder thuis van school, ik zat toen weleens tot kwart voor vijf in de taxi omdat ik nog mensen thuis moest brengen en mijn school was twintig kilometer verderop. Nu zit op een school dat vier á vijf kilometer verderop is van mijn huis dus de reistijd is ook veel korter.

Het verbaast mij wel dat ze zeggen ‘’jij krijgt een kans om te laten zien wat je kunt’’, terwijl ik net als een ander zonder beperking evenveel kans verdien. Maar bij de anderen uit mijn klas spreken ze niet van een kans. Ik vind dat de school ook een kans krijgt, want zij leren ook van mij waardoor de MBO-school het hopelijk aandurft om meer mensen met een beperking aan te nemen. Want wij en andere met een beperking kunnen ook gewoon meedoen in de maatschappij!

GESLAAGD!

Lees voor met webReader

Geslaagd!

Afgelopen dinsdag en woensdag was het eindelijk zover de mondelinge examens gingen van start na maar liefst 7 weken hard oefenen voor de mondelinge examens.

Dinsdag had ik 4 vier examens namelijk:  Sectorwerkstuk, Biologie, Engels en Maatschappijleer 2.

Woensdag had ik 2 examens namelijk: Wiskunde en Aardrijkskunde.

Op woensdag was ik al om 13.00 uur klaar, maar we moesten tot 16.30 uur wachten omdat aansluitend de uitreiking was. We zijn tussendoor maar even een uurtje gaan bowlen om de tijd door te komen.

We moesten om 16.00 uur terug zijn om op tijd te zijn voor de diploma uitreiking.

Tot op het laatste moment was het enorm spannend want op school mochten ze niks zeggen.

Na jaren lang keihard werken kwam dan het verlossende woord: JE BENT GESLAAGD!

Ook voor wiskunde heb ik een 6 wat ik helemaal niet had verwacht, blijkbaar kan ik toch nog een beetje wiskunde.

Ik ga met vol goede moed naar mijn vervolgopleiding namelijk de opleiding juridische dienstverlening.

Mijn opleiding begint op 1 september dus nu geniet ik lekker van mijn vakantie!

Ik zeg weleens ‘’ Ik word de eerste ‘echte ‘ rijdende rechter want juridische dienstverlening heeft met recht te maken.

Hulpverlening bijna het raam uit

Lees voor met webReader

 

Weest niet bang allemaal, ik ben niet zo kwaad geworden dat ik mijn psycholoog het raam uit gooide. Het gaat om iets heel anders, iets waar je niet voor de gevangenis in draait als je een beetje erg veel pech hebt.

De laatste tijd merk ik dat ik minder tijd heb om te bloggen, terwijl ik het maar wat graag doe. Deze blog leverde ik ook te laat in. De afgelopen tijd zat ik in een hele drukke periode, waarin er een heleboel gebeurde. De periode op school zelf was erg druk, maar daarnaast ben ik tot ambassadeur van mijn opleiding gekozen. Helaas werd ik geen uitblinker van mijn school en kon ik niet meedoen met de landelijke campagne, maar toch kan ik met een heel goed gevoel terug kijken. Van alles wat er gebeurde heb ik erg veel mogen leren. Veel ervaringen opgedaan die ik in de toekomst mee zal nemen. De komende tijd zal ik mij voor de volle 100% in gaan zetten als ambassadeur.

Nu zal ik dan eindelijk gaan terugkomen bij de titel van mijn blog. Ik heb er nooit een geheim van gemaakt dat ik het nodig hebben van hulpverlening maar niks vond. Natuurlijk werkte ik wel mee aan behandelingen, omdat ik het simpelweg wel nodig had. Laten we het een noodzakelijk kwaad noemen. Nu ben ik op een punt in mijn leven gekomen dat ik de dingen meer accepteer en alles behoorlijk stabiel is. Van begin augustus 2014 twijfelen over je opleiding tot ambassadeur een aantal maanden later. Ben ook minder bang om over mijn hersenletsel te vertellen, omdat ik een negatieve reactie van een ander niet meer als mijn probleem zie. Negatieve mensen zijn je energie niet, waard je kunt het veel beter aan iets anders besteden.

Gezien het nu goed gaat heb ik eigenlijk geen hulpverlening meer, slechts heel af en toe nog een controle afspraak. De hulpverlening heb ik dus bijna volledig het raam uit kunnen gooien.

Een hele stap verder naar meer zelfstandigheid. In augustus ga ik weer naar Zuid-Afrika, waar ik nauwelijks iets van mijn hersenletsel merkte. Als ik zie wat ik daar al kon een jaar geleden, laat staan wat er dan nu mogelijk is.

Wat te doen met irritaties

Lees voor met webReader

 

Soms ben ik weleens aan het denken over wat nou mijn grootste beperking is. Natuurlijk zijn er dingen die moeilijker zijn voor mij. Zo ben ik sneller moe, fiets ik op een driewielfiets en is de fijne motoriek altijd lastig. Tegelijker zijn dit dingen waar ik al mijn hele leven mee moet dealen, dus ik weet niet beter. Dit vind ik dan ook niet mijn grootste beperking. Nee, waar ik heb meest van baal, is mijn spraak. Door de spasticiteit praat ik wat langzamer en monotoner. Mensen die mij niet kennen, denken daardoor vaak dat ik ook een verstandelijke beperking heb. Vaak trek ik me er niks van aan, want die mensen kom ik waarschijnlijk toch nooit meer tegen. Toch merk ik dat mijn frustratie steeds groter wordt. Laatst was er een situatie waarbij ik het er niet bij wilde laten zitten. Dit pakte heel goed uit en ik zal vertellen waarom….

In het kader van mijn stage mocht ik de wethouder interviewen over de veranderingen rond de Wet Maatschappelijke Ondersteuning. Heel gaaf natuurlijk, maar uiteindelijk kwam ik er toch een beetje met een rotgevoel vandaan. Tijdens het gesprek had ik de wethouder namelijk ook uitgenodigd voor de afsluitende bijeenkomst van het ‘Prokkelen’. Op deze nationale dag mogen mensen met een verstandelijke beperking meelopen in reguliere bedrijven. Terwijl ik de wethouder uitnodigde, onderbrak zij mij. Ze zei: ‘Jij wil zeker een dagje met mij meelopen’. Totaal overrompeld, wist ik alleen maar ‘nee’ uit te brengen. Hoe kon zij na al mijn goede vragen tijdens het interview, nog denken dat ik verstandelijk beperkt ben. In dat gesprek heb ik voor mijn gevoel de wethouder dat kunnen overtuigen dat ze er compleet naast zat. Daarom heb ik een paar dagen later nog een mail gestuurd om het misverstand even uit de wereld te helpen.

 

In de mail beschreef ik beleefd, maar duidelijk dat ik geen verstandelijke beperking heb, maar dat ik de kans om mee te lopen eigenlijk niet wilde laten lopen. Voor mij was het antwoord op de mail niet eens echt van belang. Het belangrijkste was dat ik toch even voor mezelf ben op gekomen. Des te leuker was het dat ik twee dagen later terugkreeg dat ik natuurlijk een dagje mag meelopen. Ik, als 21-jarige, mag gewoon even een dagje meedraaien met de wethouder van Amersfoort!!

 

Deze ervaring is natuurlijk geweldig, maar als je er objectief naar kijkt, is het eigenlijk van de zotte dat het op deze manier moet. Telkens moet ik extra moeite dat om duidelijk te krijgen dat het in mijn hoofd echt wel goed zit en dat ik zelfs een VWO-diploma op zak heb. Mensen lijken deze combinatie niet te kunnen maken als ze mij zien lopen en horen praten. Helaas zal het mij waarschijnlijk niet lukken om de hele mensheid hiervan te overtuigen. Toch probeer ik wel een stap in deze richting te zetten en daar is dit een goed voorbeeld van.

 

 

Aangenomen op de school van mijn eerste keuze!

Lees voor met webReader

Na lang wachten mocht ik op 16 maart jl. eindelijk op intake gesprek voor de opleiding Juridische dienstverlening. Ik vond dit heel erg spannend want de ANM test, een test die je capaciteiten meet en kijkt of je het gewenste niveau aan kan was bij mij niet zo goed uitgevallen. De test en de Mytylschool waar ik nu nog op zit gaven aan dat MBO niveau 3 beter bij mij zou passen omdat ik niet zo sterk ben in rekenen.
Ik heb de MBO school kunnen overtuigen dat ik er alles aan ga doen om rekenen zo goed mogelijk te oefenen. Want je moet namelijk ook een rekenexamen afleggen om de opleiding met een diploma te kunnen verlaten.
Na nog wat gesproken te hebben over de praktische zaken zoals het pakken van mijn boeken uit mijn tas e.d. kreeg ik te horen dat ik aangenomen was.
Ze hebben mij aangenomen omdat ik gemotiveerd ben en mij al een aantal keren heb laten zien op de betreffende MBO school. Ze zeiden ook, wij zouden willen dat er meer mensen waren die dezelfde sterke motivatie hebben als jij.
Nu ik aangenomen ben, heb ik nog meer motivatie om er honderd procent voor te gaan.
De school vertelde dat zij weinig ervaring hebben met mensen in een rolstoel. Dit vind ik eigenlijk heel gek want er zijn toch wel meer mensen in een rolstoel die een MBO opleiding willen volgen?
Voor de school is het een uitdaging en voor mij is het een uitdaging. Ik heb er echt enorm veel zin in.
Ik ben blij dat de MBO- school mij een kans geeft om te laten zien wat ik kan.
Ik hoop dat dit ook een positief beeld geeft aan anderen mensen met een beperking, als je echt wilt dan lukt het meestal ook.
Nu alleen nog mijn VMBO- TL diploma halen!

Mijn zoektocht naar een MBO-opleiding

Lees voor met webReader

Door Noortje van Lith

In 2010 mocht ik dan eindelijk naar de middelbare school, een jaar later dan gepland vanwege een operatie. Ik was heel blij dat ik eindelijk naar de middelbare school mocht, omdat ik op de basisschool geen uitdaging meer had.

Diploma
Ik heb de eerste vier jaar van de middelbare school goed doorlopen. Ik heb nu drie deelcertificaten, dit jaar ga ik voor een volledig VMBO–TL diploma. Ik ben voor één vak wel wat zenuwachtig namelijk Wiskunde, want daar ben ik niet zo sterk in. De rest van de vakken gaan mij gelukkig goed af.

MBO-opleidingen
Ik ben in het derde jaar al begonnen met het zoeken naar een MBO-opleiding, omdat ik nog niet zo goed wist wat ik wilde gaan doen. Ik was eerst heel erg gericht op een ICT-opleiding, maar ik kwam erachter dat je daarvoor een goede fijne motoriek moest hebben, je moet namelijk ook weleens een computer in en uit elkaar halen. Toen heeft de school waar ik nu (nog) op zit gezegd: ‘’je kunt ook iemand instructies geven hoe hij/zij de computer uit elkaar moet halen.’’ Ik heb er toen nog lang over nagedacht of ik dit wilde. Ik ben tot de conclusie gekomen dat ik dit niet wil, ik wil namelijk een opleiding die ik bijna helemaal zelfstandig kan doen. Nadat deze opleiding was afgevallen, ben ik gaan kijken op een open dag van een school bij mij in de buurt. Daar kwam ik een opleiding tegen die mij leuk leek, namelijk de opleiding Mediavormgever. Na een docent gesproken te hebben over deze opleiding heb ik hier ook van afgezien, voornamelijk vanwege mijn motoriek. Bij deze opleiding moet je namelijk weleens fotograferen en heel goed kunnen tekenen.

Mijn keuze
Een kennis van mij was ook op de open dag, zij zit al op deze school, zij doet de opleiding Juridische dienstverlening. Ik kreeg informatie over de opleiding van haar en een docent. Deze opleiding biedt wat ik wil en kan ik zelfstandig doen. Je moet bijna alle lesstof verwerken via een laptop en het is vooral een taalgerichte opleiding. Ik houd van regels en wat er in de maatschappij gebeurt houd mij bezig!
Ik heb mijzelf aangemeld bij deze opleiding. Nu is het afwachten wanneer de intakeprocedure van start gaat.

Ik ga ervoor!

Noortje

 

Een terugblik: De introductieweek

Lees voor met webReader

Door Evelien Rookmaker

Op mijn nieuwe MBO-school hadden ze een introductiemiddag en een survivalkamp naar de Ardennen georganiseerd. Alleen de vraag was. “Kan ik mee en hoe kan ik mee?”

De introductiemiddag was van 2 uur tot 4 uur. Om één uur was ik op school, want ik had nog veel te regelen. Bijvoorbeeld waar ik mijn rolstoel kan neerzetten als de school uit is, want ik ga met mijn rollator naar huis. Meteen heb ik mijn studieloopbegeleider verteld wat mijn handicap is en wat precies inhoud. Ook heb ik hem uitgelegd dat ik het heel graag in de klas wilde vertellen, om vooroordelen te voorkomen.
Om twee uur verzamelden alle leerlingen in een lokaal, daar werden de klassen verdeeld en naar een lokaal gestuurd.
Daar hebben gesproken over het rooster en de lessen. Ik was altijd gewend aan een 9 tot half 4 rooster, maar op deze school eindigen de lessen op sommige dagen om half 6. Daar schrok ik eigenlijk wel van, maar daar wen ik wel aan. Gelukkig hoef ik niet elke dag om 9 uur te beginnen. Daarna heb ik iets over mijzelf verteld en briefjes uitgedeeld, zodat iedereen het kan nalezen.
Om 3 uur mocht iedereen naar huis, maar ik had mijn taxi besteld om kwart over 4. Ik vind het jammer dat ik afhankelijk ben van de taxi. Ik kan dan niet eerder of later weg dan ik van tevoren heb afgesproken met het taxibedrijf.

Op survival kamp wilde ik niet afhankelijk zijn van leraren of klasgenoten, omdat ik ze nog niet goed kende. En ik wist ook niet hoe de situatie was op de camping. Daarom heb ik besloten om mijn vader mee te nemen. Ik had met hem afgesproken, dat hij zich alleen liet zien als ik hulp nodig had. Hij ging met eigen vervoer naar de camping. Hij nam ook mijn scootmobiel mee, zodat ik mijzelf kan verplaatsen.
Na de busreis en de lunch hebben wij teambuildingspelletjes gedaan, zodat we elkaar beter leerden kennen. Dat vond ik heel leuk, omdat je goed moet samenwerken. Mijn klasgenoten verzonnen zelfs dingen om mij mee te laten doen.
’s Avonds hebben we heerlijk gebarbecued. Daarna ging iedereen een tocht door de heuvels maken richting de camping. Mijn vader kwam mij ophalen, want ik kon echt niet mee. Dat vond ik wel jammer. Iemand zei na de tocht dat ik blij moest zijn, dat ik niet mee hoefde lopen. Ik heb haar meteen uit gelegd dat ik het heel anders zag. Natuurlijk had ik liever meegelopen. Op de camping hebben nog heerlijk bij het kampvuur gezeten.
De volgende dag, na het ontbijt, gingen we op dezelfde manier weer naar de plek van de vorige dag. Daar ging mijn klas een tocht maken. Ik kon vanaf de grond stukken volgen en ik heb daar foto’s van gemaakt. Voor de rest heb ik meegedaan met een andere groep.
Na de lunch zijn we weer vertrokken naar school.

Het was een fantastische ervaring!!!

Evelien

De knop omzetten

Lees voor met webReader

Door Cynthia van der Winden

Van jongs af aan heb ik meegedraaid in de normale ‘maatschappij’. De basis- en middelbare school heb ik gevolgd in het reguliere onderwijs. Dit heeft mij ver gebracht. Inmiddels heb ik een VWO-diploma op zak en zit ik in het derde jaar van het HBO. Ik ben heel blij dat ik zover ben gekomen en ik vraag me wel eens af of ik zo ver was gekomen als ik op speciaal onderwijs gezeten had. Maar dat is niet waar ik het in dit blog over wil hebben.

Het meedraaien in de ‘normale’ maatschappij heeft namelijk ook een minder positieve kant. Iedereen om je heen doet dingen anders, sneller en met minder moeite. Dit heeft er toe geleid dat ik altijd het gevoel heb gekregen dat ik me extra moest bewijzen om erbij te horen. Nu kom ik op een punt in mijn leven waar ik deze gedachten uit me hoofd moet zetten. Ik mag gewoon mezelf zijn en mijn eigen ding doen. Toch vind dit best moeilijk en ik zal uitleggen waarom.

In één van mijn vorige blogs heb ik geschreven dat ik tijdens mijn schoolperiode vrij eenzaam was. Er waren altijd wel een paar mensen met wie enigszins op kon schieten en het was ook niet zo dat ik helemaal geen vriendinnen had, maar toch voelde ik mij nooit volledig geaccepteerd. Als ik nu op deze periode terugkijk, heeft dit ertoe geleid dat ik het gevoel heb gekregen dat ik moet vechten om erbij te horen. Op ‘fouten’ die ik maak, zou ik harder afgerekend worden en dat maakte mijn kans op ‘meedoen’ kleiner. Tenminste dat was wat ik mezelf in mijn hoofd haalde. Diep vanbinnen was ik wel zeker van mezelf, maar het is mij in die periode nooit echt goed gelukt om dat ook uit te stralen naar mijn omgeving.

Nu ik stageloop en een goed sociaal netwerk heb, krijg ik keer op keer te horen dat deze onzekerheid nergens voor nodig is. Iedereen is blij met het werk dat ik aflever en ik krijg veel complimenten. Dus waar twijfel ik nog over? Ik mag het gewoon op mijn manier doen en mensen moeten mij accepteren nu maar zoals ik ben. Hoewel ik weet dat dit zo is, kost dat mij toch moeite. De knop heb ik wel omgezet, maar om het ook echt uit te stralen naar de buitenwereld is een tweede. Gelukkig zijn er heb ik mensen om mij heen die me hierbij helpen.

Toch merk ik dat het werkt. Voor anderen is het ook veel makkelijker als je gewoon achter je eigen manier van doen blijft staan. Het uitstralen van onzekerheid is niet alleen lastig voor jezelf. In de komende tijd wil ik hier nog meer aan gaan werken. Juist door zeker van mezelf te zijn, gaan mensen mijn kwaliteiten zien en dat kan veel opleveren. Dat is het belangrijkste voor mij om in mijn achterhoofd te houden. En wat de rest van de wereld van mij denkt, is dan totaal onbelangrijk!

Knop omzetten

Wat ik wilde kon niet en wat ik kon wilde ik niet

Lees voor met webReader

Door Kimberley Tseng

Van jongs af aan riep ik dat ik dokter wilde worden in een ziekenhuis. Dit was natuurlijk niet haalbaar vanwege mijn spasme, maar als je jong bent bestaan er geen beperkingen. Alles is mogelijk.

Eenmaal wat ouder en bewuster van mijn beperkingen, moest ik ook toegeven dat ik nooit dokter zou kunnen worden. Ze hadden gelijk, een dokter kan niet spastisch zijn.
Dan wilde ik juffrouw worden op een basisschool. Ik zat in de derde klas en ik liep stage op mijn oude vertrouwde school, in groep 1/2C. Tijdens deze stage heb ik het erg naar mijn zin gehad als hulpjuf, maar zelf voor een klas staan? Nee, ik wist niet meer zeker of ik dat wel wilde.
Zal ik dan toch maar de administratieve kant op gaan, dacht ik. Een kantoorbaan zou ideaal zijn met mijn beperking, ik kan de hele dag zitten, alles gaat met de computer. Maar leuk leek het me niet en dat werd me duidelijk tijdens mijn stage in de vierde klas. Deze stage liep ik bij een sport- en partycentrum waar ik achter de receptie zat. Het werk achter de balie vond ik erg leuk, maar af en toe zat ik op kantoor facturen te archiveren. Dit vond ik maar saai.
Gelukkig zat ik nog op school en hoefde ik dus nog niks te beslissen.

Toen had ik mijn droombaan gevonden, dacht ik. Ik kwam onder behandeling van een natuurgeneeskundig therapeut. Nauwlettend hield ik in de gaten wat de handeling waren en ik dacht, dit kan ik ook. Hiervoor hoef je mensen niet te prikken, hierbij hoef je geen ingewikkelde lichamelijke onderzoeken te doen.
En toen wist ik het, ik wilde natuurgeneeskundig therapeut worden. Ik begon met de opleiding. Het was een deeltijdopleiding en ik ging eens per maand op zaterdag naar school. Ik vond het super interessant en verheugde me altijd op de lesdagen. Mijn medestudenten waren allemaal ouder dan ik, maar dat vond ik niet erg. Ze behandelde mij als ieder ander en tweeënhalf jaar ging ik er met plezier naartoe.
De opleiding duurde drie jaar en in januari, halverwege het derde jaar heb ik het bijltje erbij neergegooid. Achteraf gezien was ik bang. Ik moest eigenlijk steeds meer mensen gaan behandelen om het geleerde in de praktijk te brengen, maar dit durfde ik niet. Dus ik stopte.

Een onzekere periode brak aan. Wat wilde en kon ik dan wel, waar lagen mijn mogelijkheden, wat waren mijn kwaliteiten.
Ik ging op gesprek bij een MBO-school om de opleiding Sociaal Maatschappelijk Dienstverlener te gaan doen. Maar doordat mijn werktempo laag ligt, was het niet haalbaar om deze opleiding op een reguliere school te volgen.

Ik werd onzeker en moedeloos. Ik wist niet meer wat ik wilde en vooral, wat ik kon. Uiteindelijk ben ik met een coach aan de slag gegaan, heb ik een enorme persoonlijke groei doorgemaakt en ben ik bij mijn passie gekomen. Schrijven!
Over deze mooie weg wil ik jullie vertellen in mijn volgende blog.

blog1kim