Categorie archief: Annika

Annika Korving is 20 en heeft sinds haar geboorte hersenletsel. Annika doet de thuisstudie HBO Bedrijfsadministratie. Daarnaast is ze druk op zoek naar een baan en een eigen huis. Op haar eigen site blogt ze vrijwel dagelijks over haar leven. Annika gunt ons ook een kijkje tijdens haar zoektochten.

Lees meer over Annika in de rubriek ‘Mijn Verhaal’.

Op mijn gevoel vertrouwen

Lees voor met webReader

Toen ik mijn vorige blog schreef zat ik in een observatiemaand om te bekijken waar mijn klachten vandaan kwamen. Er is mij die maand een hoop duidelijk geworden, maar de mooiste les die ik daar geleerd heb had helemaal niets met mijn klachten te maken. Tenminste niet direct. Ik leerde namelijk dat je altijd je gevoel achterna moest gaan. Niet omdat het altijd gelijk heeft, maar wel omdat het vaak gelijk heeft. Je gevoel waarschuwt je voor gevaar en voor verkeerde keuzes.

In februari 2015 zette ik mijn handtekening onder mijn doorverwijzing, na lang getwijfeld te hebben besloot ik dat dat mijn juiste pad was. Mijn gevoel was het er niet helemaal mee eens, maar mijn verstand zei dat dat het beste was. Ik had er veel gesprekken over gehad met mijn psycholoog, zij zei mij dat dit misschien wel het beste was. Ik twijfelde, ik wou eerst het huis uit en dan pas kijk naar mijn klachten, mijn gevoel zei dat ik dan meer aan mezelf kon werken.

Alleen mijn verstand riep ”je indicatie is afgewezen, je kan helemaal het huis niet uit”. Dat heeft samen met de gesprekken overtuigd van het beste pad en toch bleef het stemmetje van mijn gevoel zeuren. Ik heb het uitgeschakeld en ben op mijn verstand verder gevaren, mijn psycholoog vertrouwde ik blind, zij had er voor gestudeerd, zij zou het wel weten. In mijn observatiemaand kwam ik pas achter hoelang ik achteraf al bezig was het haar vertrouwen, zij moest mij vertellen wat ik moest doen, niet mijn gevoel.

De grootste fout die ik gemaakt heb. Ik moest het doen, niet zij. Het was mijn leven. Mijn gevoel gaf mij tijdens mijn observatiemaand een klap. Waarom was ik niet eerst het huis uit gegaan? Ik wist waarom en besefte me dat ik de diagnoses hard nodig had om toch nog een keer te proberen om een indicatie te krijgen, maar dat ik na die diagnoses echt weer op mijn gevoel moest vertrouwen. Ik heb dan ook tegen iedere therapeut verteld dat ik echt wel in behandeling wou komen, maar dat ik eerst het huis uit wou.

Een paar weken terug heb ik de papieren op de bus gedaan. Nog een keer wil ik proberen om een indicatie te krijgen om begeleid te wonen. Over een mogelijke afwijzing maak ik me even niet druk. Ik maak de klap echt niet minder groot door me nou al verdrietig te gaan voelen over een mogelijke afwijzing. Laat ik eerst maar eens afwachten wat zij zeggen. En tot de dag dat de brief op de mat valt probeer ik het naast mij neer te leggen. Ik heb gedaan wat ik kon. Het enige wat ik nou nog kan doen is op mijn gevoel vertrouwen en met vertrouwen naar de toekomst kijken!

Psychische klachten

Vertrouwen in de toekomst

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

In mijn vorige blog vertelde ik dat ik moet vechten als een leeuw. Ik was op dat moment de hoop op een mooie toekomst helemaal verloren. Ik kan niet zeggen dat ik opeens rechten heb op een huisje, maar na een goed gesprek met iemand, heb ik wel weer hoop op een mooie toekomst. Ik kan niet zeggen dat het morgen goed komt en dat ik helemaal niet meer hoef te vechten, maar ik ben klaar om de strijd aan te gaan zonder mensen ondersteboven te schelden als ik niet krijg wat ik wil.

Op het moment ben ik druk bezig met aan mijn toekomst werken. Ik zit op het moment in mijn observatiemaand om te bekijken waar mijn klachten vandaan komen. Ik wil daar niet teveel op ingaan omdat ik nog een hoop informatie mis, maar ik ben er achter dat ik waarschijnlijk gewoon pech gehad heb en dat ik nou moet leren om zo goed mogelijk om met mijn klachten om te gaan. Ik zal nooit meer beter worden, maar als ik geluk heb dan kunnen mijn klachten verminderen door de manier waarop ik er mee omga.

Ik moet stoppen met doorrennen en mijn klachten negeren omdat iedereen mijn klachten niet ziet. Het stukje onbegrip moet ik naast me neer leggen. Dat is het probleem van de ander en ik hoef niet te bewijzen dat ik ziek of moe ben. Geloven ze me niet, dan is dat pech voor de ander. Ik kan er niks aan doen en helaas is het onzichtbaar, maar over gaat het nooit en dat weet ik zeker. Ik kan er mee leven, maar dan moet ik mijn klachten serieus nemen en het onbegrip bij de mensen laten die daar last van hebben.

Ik merk dat ik weer met meer vertrouwen krijg in de toekomst. Ik ben al heel sterk door te zeggen dat ik de oorzaak aan het zoeken ben. Ik heb hoop dat ik ooit toch (begeleid) op mezelf kan wonen. Ik hoop dat ik mezelf kan accepteren zoals ik ben, want ik ben goed zoals ik ben. Mijn handicap, mijn pijn en vermoeidheid maken van mij echt niet een minder mens. Ze maken mij waardevoller. Ze hebben mij mooie lessen geleerd. Ze maken mij dankbaarder. Ze maken mij Annika Korving!

Psychische klachten

Ik moet vechten als een leeuw

Lees voor met webReader

Het gaat zo als het gaat zeggen ze wel eens, maar wat nou als ik dat helemaal niet wil? Wat nou als ik het heel anders had willen hebben? Moet ik dan nou achterover leunen en zeggen ”ik wacht wel af” of moet ik vechten tegen alles? Ik heb jarenlang tegen alles wat me niet beviel gevochten, het mocht niet zo zijn dat ik mijn zin niet kreeg. Ik kreeg alles wat ik wou dus dat ook. Maar helaas ben ik daar steeds meer van aan het terug komen. Ook ik krijg niet alles wat ik wil, waarom het toen der tijd het me wel aan kwam waaien? Ik heb geen idee.

Ik heb in die jaren best wel wat geluk gehad of ik heb gewoon niet meekregen dat mijn ouders vochten om wat voor mij het beste was. Mensen vinden mij slim, maar ik heb hard moeten knokken voor mijn diploma’s. Helaas denken er een hoop dat als de docent je wel mag dan komt het vast wel goed. Ze zouden medelijden met mij gehad hebben. Nou ik ben er van overtuigd dat ik (bijna) alles op eigen kracht behaald heb. Ik gevochten als een leeuw en ik heb gewonnen. Maar het kostte me een hele hoop. Energie en verdriet want de strijd was zwaar.

Op het moment gaat het gevecht over het wonen nog steeds door. Ik slaap er slecht door, de stress is torenhoog. Maar stoppen met de strijd dat kan niet. Want mijn thuissituatie is niet ideaal. Ik moet gewoon mijn eigen plekje krijgen dat is het beste. Angst overheerst met regelmaat. Iedereen roept dat het wel goed komt, maar wanneer en hoe? Ten koste van wat? Er zijn mensen die roepen dat ik naar Fokus moet gaan, maar ik ben niet rolstoelafhankelijk en helaas heb ik teveel cognitieve problemen voor Fokus. Ik moet helaas net een stap verder.

Alleen zie dat maar voor elkaar te krijgen in deze tijd. Je krijgt dat stempel alleen nog als je 24 uur per dag toezicht nodig hebt. Waar ik vind dat eigenlijk nodig heb, heeft het CIZ daar een andere mening over. Ik moet met de bewijzen over de brug komen. Bewijzen die ik nu niet heb, en als ik ze straks wel heb is het maar de vraag of het CIZ hun mening gaat herzien. Want als ze dat niet doen, dan is het nog maar de vraag of ik ooit van mijn zolderkamertje af kom of ik ooit het huis gaat. Maar niet alleen in die vorm hangt mijn toekomst van hun mening af.

Ik mag misschien ook geen behandeling volgen voor andere problemen. Ik heb namelijk geen stabiele thuissituatie en het is daardoor niet verstandig om die behandeling te volgen. Want dan heb ik geen plek om goed tot rust te komen in het weekend. Iets wat een vereiste is voor een behandeling. Het CIZ heeft mijn toekomst veranderd met hun beslissing en ik moet hoop houden dat het allemaal wel goed komt? Ik zou het wel willen, maar het kost me heel veel moeite. Want het komt me op het moment allesbehalve aanwaaien. Ik moet vechten als een leeuw.

Ik ben trots

Lees voor met webReader

Ik zit mijn blogs voor Brainstormt eens terug te lezen, om hopelijk een geschikt onderwerp te vinden. Maar het lukt me maar niet, wat ik ook schrijf, op het moment dat ik het terug lees ben ik niet tevreden. Waarom niet? Omdat ik zo graag aan de wereld wil laten zien dat het goed met mij gaat. Als ik dat zeg spreek ik de waarheid, naar omstandigheden gaat het goed. Ik sta overeind en begin langzaam aan te accepteren dat de tijd die er aan komt onzekerder dan onzeker is. Iets waar ik niet blij mee ben, maar het is niet anders.

Een jaar geleden kon ik dit me niet bedenken. Ik schreef toen nog dat ik echt niet van plan was om naar een andere psycholoog te gaan. Toch gaat het nieuwe jaar me een nieuwe psycholoog brengen. Vorig jaar had ik je vervloekt als je dat had gezegd. Ook zat ik enorm in de spanning voor mijn rijbewijs, die ik toch maar mooi op 24 december 2014 heb behaald. Het autorijden gaat niet van een leien dakje, maar ik doe het toch maar mooi. Daar kon ik een jaar geleden alleen maar van dromen. Ik maak kleine stapjes vooruit.

Maar snel genoeg gaat het me absoluut niet. Ik wil vliegen, terwijl ik doodsbang ben om te vliegen. Ik weet alleen dat het gebeurd op het moment dat ik daar klaar voor ben en dat is nu nog niet. Ik kan dus nog niet beweren dat ik lekker in mijn vel zit, maar ik kan wel zeggen dat ik trots op mezelf ben. Want dankzij alles sta ik wel op het punt waar ik nu sta. Dat ik graag verder wil en dat ik daar tegelijkertijd ook doodsbang voor ben is prima. Maar het verlangen overheerst op het moment. Want het zou toch heel mooi kunnen worden.

Het is daarnaast ook prima dat niet iedereen naast mij wilt staan op het pad dat ik nu bewandel. Voor sommige komt het te dichtbij, voor andere is het te beangstigend. Helemaal prima, alhoewel het doet best zeer. Ik heb de afgelopen maanden behoorlijk wat klappen gehad, uit onverwachte hoeken en ik sta schrap voor de volgende. Maar angst bezorgt me het niet meer, want hoewel hij me misschien even uit balans brengt sta ik daarna nog maar mooi. Ik kom op het pad waar ik wil en dat ik daarvoor moet vechten is prima.

Het leven hoort niet al te makkelijk te verlopen. Dat ik een handicap heb, chronisch ziek ben en psychische klachten heb brengt daar geen verandering in. Het brengt alleen verandering in mijn kijk op het leven. Heel langzaam aan wordt die weer positief, de angst maakt heel langzaam aan plaats voor vertrouwen en trots. Ik kan de diepe dalen aan en kan weer genieten van de pieken. Ik ben trots op mezelf dat dit me lukt, want ook dit had ik een jaar geleden niet gedacht en al helemaal niet geloofd als iemand dat gezegd zou hebben.

Annika

Heb ik epilepsie?

Lees voor met webReader

Daar zit ik dan, tijdens een (bijna) 24 uurs EEG een blogbericht voor Brainstormt te typen. Ik had me zoveel voorgenomen. Ik zou gaan studeren en bloggen. In deze uren zou ik veel kunnen doen, toch? Ik heb om 16.42 welgeteld nul blogs geschreven en mijn studieboeken zijn (nog) niet uit mijn tas geweesst. Als ik dit bericht afschrijf heb ik toch nog iets gedaan van mijn to-do-list Maar een voldaan gevoel geeft het me totaal niet. En dat terwijl ik van te voren nog dacht laat het maar over je heen komen, alles wat je doet is mooi meegenomen. Niets moet.

Dit EEG is het belangrijkst. Ik loop al jaren met onverklaarbare aanvallen. De een roept dat ik me niet moet aanstellen, de ander roept dat het aandacht trekken is, weer een ander roept het zal wel psychisch zijn en er zijn ook mensen die roepen het is epilepsie. Ik weet niet meer wat ik er van moet denken. Ik weet alleen zeker dat ik me niet aanstel en al helemaal geen aandacht wil trekken. Over de overige twee kan ik niet echt oordelen. Dat er psychisch het een en ander speelt geef ik toe, of dat deze aanvallen tot gevolg heeft, I don’t know. Het kan ook epilepsie zijn.

Ik vraag al tien jaar of dit uitgezocht kan worden. Maar al tien jaar lang is er geen arts die er naar kijkt. Want het gebeurd te weinig, of je raad het al, het is aanstellerij of psychisch. Wat moet ik dan nog doen? Ik kan moeilijk mijn eigen verwijsbrief schrijven. Maar zou er na zoveel jaar wel toe in staat zijn. Toen ik het er met mijn psycholoog over had, was ik heel verbaasd dat zij voorstelde om me naar een organisatie door te verwijzen. Mijn revalidatiearts moest het nog wel even goedkeuren, maar waarschijnlijk zou dat wel lukken. En inderdaad hij vond het prima.

Dus op zes oktober zat ik tegenover een neuroloog die moest gaan beoordelen of hij er waarde ik zag om onderzoek er naar toe doen. Mijn verwachting was dat hij nog net niet lachend zou vragen, wat kom je hier doen? Je hoort hier helemaal niet thuis. Maar daar in tegen was zijn voorstel om een 24 uurs EEG te doen. Ergens was ik opgelucht, want dit was waar ik zo hard om gevraagd had. Maar stel nou dat het wel epilepsie zou zijn, hoe komt mijn leven er dan uit te zien? Wil ik het antwoord nog wel zo graag weten of word het toch te heet onder mijn voeten?

Maar eindelijk was er een psycholoog/arts die me op dit gebied serieus nam. Als ik deze kans niet aanpak dan krijg ik hem misschien nooit meer. Dus ik besloot om het te doen. Ik heb meteen ja gezegd op zijn voorstel. Daarom zit ik precies een week later in een kliniek om te bekijken of het epilepsie is doormiddel van een EEG. De test met de lamp (knipper lichten), ogen dicht en zuchten heb ik doorstaan. Werd totaal niet lekker, maar kon nog staan na afloop. Nou de rest van de test uitzitten, 3 november hoor ik de uitslag. Maar nu eerst eten, ik heb honger.

Epilepsie

Schepen verbranden

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

Hersenletsel. Voor iedereen betekend het iets anders. Iedereen heeft op een ander gebied letsel en daardoor uit het bij iedereen anders. Het is ongrijpbaar, het is onzichtbaar. Niemand kan een uitleg schrijven die voor iedereen met hersenletsel geldt. We zullen stukje herkennen en daar houdt het ook mee op. Daarnaast ligt het ook nog eens aan de persoonlijkheid van de persoon in kwestie hoe die er mee omgaat. Waar de een er heel positief in probeert te staan en het niet als een obstakel ziet, kan een ander er maar niet mee omgaan.

Ik hoor niet in de eerste groep, maar ook niet in de tweede groep. Ik zie mijn hersenletsel als iets wat ervoor gezorgd heeft dat ik de Annika ben die ik ben. Zowel in positieve als in negatieve zin. Want mijn karakter is opvliegend, is impulsief. Maar door mijn hersenletsel moet ik af en toe wel twee keer nadenken voordat ik de schepen achter me verbrand. Ik zou die schepen nog wel eens nodig kunnen hebben en ik heb (nog) geen nieuwe aangeschaft. Ik ben me heel goed bewust geworden dat mijn woorden en daden niet altijd helpen.

In dat opzicht zie ik het als iets positiefs en als een obstakel. Want door mijn hersenletsel ben ik nou eenmaal afhankelijker en moet ik me richting mensen inhouden. Dat ik dat geleerd heb is positief, maar daardoor is het ook meteen een obstakel geworden. Want ik zou een hoop schepen willen verbranden die ik nu maar laat liggen voor het geval dat ik ze ooit nog nodig heb. Ik kan niet altijd doen wat ik wil doen en al helemaal niet op de manier dat ik het wil doen. Het liefst zou ik onafhankelijk willen zijn, van de ene naar de andere plek willen gaan.

Dat kan nou eenmaal niet door mijn hersenletsel. Maar ik zou mijn handicap voor geen goud willen missen. Want hoewel ik een heel ander leven gehad zou kunnen hebben, is dat ook meteen wel heel beangstigend. Mijn handicap heeft een bepaalde invloed op mijn leven, het is een rode draad. Het is een veilige haven. De schepen om heen gaan veel sneller dan ik, ik vaar op mijn eigen tempo naar mijn eigen doel. Mijn handicap draagt er aan bij dat ik er wel kom. Mijn handicap is van mij en het maakt mij Annika Korving en dat is nou eenmaal zo!

Schepen verbranden

Ik hep een splaakgeblek

Lees voor met webReader

Nee, ik kan praten en ik ben (heel) goed te verstaan. Het praten gaat ook op het normale tempo. Maar zodra ik moe ben is het een ander verhaal, dan wordt ik wat moeilijker te verstaan. Daarnaast komen de woorden er dan wat krommer uit en soms heb ik een soort black-out en krijg ik er sommige moeilijke woorden er niet uit. Het levert soms behoorlijke leuke situaties op en de tranen lopen soms over mijn gezicht van het lachen. Je kan je voorstellen dat dat niet in mijn voordeel werkt als ik iets wil vertellen, maar ook dat blijft humor.

Er zijn woorden die ik al vanaf kleins af aan amper op de goede manier kan uitspreken. Wesp werd altijd weps en een psycholoog werd een spiegeloog genoemd. Mijn ouders hebben mij tot in de treure verbeterd en natuurlijk werd er ook heel hard om gelachen. Op een gegeven moment werd ik naar een logopediste gestuurd en die heeft een hoop oefeningen met mij gedaan. Van haar moest ik zelfs van die zure matten snoepjes eten, dat zou mijn mondspieren stimuleren. In het begin vond ik ze smerig, tegenwoordig vind ik het jammer dat ze nog amper verkrijgbaar zijn!

Toen ik naar speciaal onderwijs ging moest ik ook even naar een logopediste, maar na een paar keer had ze al gezien dat ik geen problemen met praten heb en mocht ik wegblijven. Daarna heb ik nooit meer zo’n persoon gesproken. Maar hoe ouder ik werd hoe duidelijker het werd dat ik toch wat meer moeite met praten heb dan andere. Alleen het valt nog steeds niet echt op, je moet mij echt kennen om het verschil te horen. Mijn ouders zeiden – afgelopen februari op de terugweg naar huis van mijn skireis – dat ze aan mijn praten konden horen dat ik moe was.

Alleen de laatste tijd heb ik een nog leuker probleempje. Soms kom ik opeens niet meer uit mijn woorden. Ik ben gewoon aan het praten en opeens krijg ik het woord dat in mijn hoofd zit niet meer uit mijn strot. Hoe harder ik me probeer te bedenken hoe ik het woord ook alweer uit mijn strot moet krijgen hoe minder het me lukt om te zeggen wat ik wil zeggen. Artsen weten niet wat ze er mee aan moeten, ze kunnen niet bedenken waar het door zou moeten komen. Maar dat maakt niet uit want mijn ouders en ik hebben er de grootste lol om!

Ik ben opener!

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

Herinner je nog dat blog waarin ik zei het moeilijk te vinden om open en eerlijk te zijn over mijn hersenletsel? Dat ik het dapper vond als mensen het wel waren? Ik vertelde toen al dat ik opener was over mijn hersenletsel. Maar toch verzweeg ik nog een hoop. Want toch bleef de angst dat mensen het maar raar of eng zouden vinden. Want dat is het toch ergens wel een beetje? Een dame van 21 die vergeetachtig is en haar emoties niet onder controle heeft in het heetst van de strijd?

Ik schaamde me heel erg, ik snapte er niks van en probeerde mijn geheugen te trainen. Want hoe kan het nou dat ik soms niet meer weet wat ik gezegd heb? Ik kon niet geloven dat het aan mijn hersenletsel lag en toegeven dat ik het niet meer wist? Dat was uit den boze. Trots dat ik was verzon ik er wel een verhaal omheen of bood gewoon mijn excuses aan om van het gezeur af te zijn. Maar het vrat enorm aan me, ik probeerde me echt herinneren wat er nou gebeurd was.

Toen ik voor het ZZP (ZorgZwaarte Pakket) 4 een NeuroPsychologisch Onderzoek (NPO) moest laten doen kwam ik er achter dat het vergeten komt omdat mijn korte termijn geheugen niet zo goed werkt. Verbaasd dat ik was, maar aan de andere kant, wat een opluchting ik kan er dus echt niks aan doen. Dat ik mijn woorden niet meer terug kan halen na een ruzie is heel vervelend, maar wel met een reden. Daar zit nou eenmaal de gevolgen van mijn hersenletsel. Jammer maar helaas.

Toch heb ik het nog een tijdje ontkend, ik zou toch met trainen mijn geheugen beter moeten krijgen? Waarom vraag ik me de laatste tijd af? Natuurlijk is het niet leuk om te moeten zeggen ”Sorry ik weet niet meer dat ik dat gezegd heb, ik kan daardoor geen uitleg meer geven of mijn excuus aanbieden. Maar ik vind het wel heel erg dat jij er nog zo mee zit en er zoveel verdriet van hebt”. Ik kan mijn excuus nu wel gaan aanbieden, maar ik kan geen goede reden geven waarom het me nou spijt. Behalve het verdriet van de ander.

Dat mag voor mij nooit een reden tot excuus zijn. Net zoals dat het hebben van geheugenproblemen voor mij nooit een reden voor vergeten mogen zijn. Maar hoe handig ik ook ben geworden met lijstjes ik weet het soms ook even niet meer. Ik moet gewoon eerlijk zijn dat ik het soms niet meer weet en daar kan ik niks aan doen. Daar bied ik mijn excuus niet meer voor aan. Want moet ik sorry zeggen omdat ik hersenletsel heb? Iets waar ik totaal niks aan kan doen? Nee, het is niet leuk voor ons beide. Maar geloof me ik blijf me schamen! Want het blijft niet leuk om dat te moet toegeven.

unnamed

Energie en prikkels

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

Het blijft een terugkerend onderwerp in mijn leven, teveel willen met te weinig energie. Met als gevolg dat ik voor de zoveelste keer doodziek ben. Ik wil zo graag meedraaien met de rest van de maatschappij. Maar ik loop elke keer weer tegen dezelfde muur op, ik word elke keer weer teruggefloten door mijn lichaam. Ik ben duidelijk hardleers, maar ik vraag af of ik dit lesje wel ooit leer. Want dit is niet de leukste les en het lukt me maar niet om het te veranderen.

Nou moet ik ook even zeggen dat het wel lijkt dat op het moment ik denk de goede balans gevonden te hebben mijn lichaam besluit om het energieniveau weer te veranderen. Ik kan er geen peil op trekken. Er zijn dagen bij dat ik om acht uur uitgeslapen ben en ik tot negen uur door kan, maar er zijn ook dagen bij dat ik om twee uur nog niets anders gedaan heb dan de hoognodige dingen zoals douchen, aankleden en eten. Een reden kan ik voor die grootte verschillen niet vinden.

Ik ben er wel achter dat als ik een periode van nadenken en zelfreflectie heb ik veel minder kan hebben dan als ik mentaal goed in mijn vel zit. Maar ik kan dat nadenken niet uitschakelen, ik heb nou eenmaal 24 uur per dag gedachtes en ik kan de stopknop maar niet vinden. Alleen op sommige momenten lijkt het wel alsof er geen belangrijke onderwerpen zich in mijn hoofd hebben verstopt. Ik heb dan gewoon geen last van het nadenken en kan iets leuks doen.

Prikkels hebben ook met de vermoeidheid te maken, maar ook met het nadenken. Ik moet de prikkels verwerken en dat doe ik door na te denken. Ik wil mijn prikkels met het minimum beperken, maar op de een of andere manier lijkt het wel alsof ik me dood verveel zonder prikkels. Ik zou mezelf in ieder geval niet moeten overprikkelen, maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Want blijkbaar ben ik nou eenmaal een bezige bij en overprikkel mezelf daardoor snel.

Helaas zijn de prikkels op het moment heel hoog. Ik sta met mijn leven op een kruispunt en ik moet een paar beslissingen nemen die op de nabije toekomst heel veel invloed hebben op mijn leven. Ik heb daardoor moeten besluiten geen back-up meer te zijn voor Brainstormt en ik weet nog niet of ik kan blijven bloggen voor Brainstormt. Maar niet getreurd ik zorg er desnoods voor dat er uit het archief van mijn eigen website een blog  geplaatst wordt. Jullie zijn nog niet van me af!

Prikkels

Privacy en een psycholoog gaan niet samen

Lees voor met webReader

Waarom loop jij bij een psycholoog? Wat kan jij op jouw jonge leeftijd nou meegemaakt hebben dat jij bij een psycholoog terecht bent gekomen? Mensen vinden dat ze recht hebben op de antwoorden van deze vragen. Hoezo? Heb ik opeens de rechten van mijn privacy verloren toen ik bij de psycholoog binnenstapte? Moet ik me opeens verantwoorden omdat jij niet kan begrijpen dat ik bij een psycholoog loop? Ik ben het niet van plan, maar mensen verwachte van me dat ik het moeiteloos met ze deel, alsof het allemaal niks is.

Onbegrip dat heerst er zodra je iets hebt op het psychische gebied. Mensen kunnen begrijpen dat je pijn hebt als je je poot gebroken hebt. Het moet zichtbaar zijn, tastbaar. Dat is hersenletsel en het moeilijk kunnen verwerken van alle gebeurtenissen in mijn leven niet. Mensen willen niet geloven dat je op je 21ste al dingen hebt meegemaakt, want je komt net kijken. Ze vergeten even dat 21 jaar heel lang is en dat de maatschappij soms niet zo vriendelijk is voor gehandicapte. Ik heb een hoop meegemaakt en het is niet allemaal leuk geweest.

Ik ben niet van plan om alles op tafel te gooien. Mensen moeten het maar van me aannemen dat er dingen gebeurd zijn. Ik heb geen verantwoording af te leggen aan mensen. Ik heb dingen gezien en meegemaakt die je niemand gunt. Dingen die niet te verwerken zijn door even een gesprekje met een vriendin. Daarnaast kan ik een open boek zijn als ik me op mijn gemak voel en een gesloten als ik niet weet of ik je kan vertrouwen. Maar zelfs als ik je vertrouw wil ik niet alles delen, het is te veel en te zwaar om bij iemand anders neer te leggen.

Ik deel wat ik wil delen op het moment dat ik het wil delen. Maar vertrouw erop dat ik wereldwijzer ben dan dat jij verwacht. Ik zal het niet altijd tonen, want mijn lessen zijn niet jouw lessen. Een van de lessen die ik wel wil delen is dat mensen met hersenletsel niet gek zijn omdat het niet zichtbaar is. Mensen met psychische problemen evenmin. Wij zijn net als ieder ander. Alleen zijn de meeste mensen met psychische problemen te lang sterk geweest. Ik zelf wou het zo graag in mijn eentje doen zonder hulp van een psycholoog of andere hulpverleners.

Maar ik heb moeten toegeven tegenover mezelf dat ik het niet alleen kan. Ook ik blijk hulp nodig te hebben. Ik ben eindelijk op weg naar de accepetatie van mijn handicap en de manier waarop mijn leven gelopen is. Het is een strijd van minstens 21 jaar geweest en ik ben er nog niet. Maar ik ben allang blij dat ik kan zeggen dat hij voor een groot deel gestreden is. Of het ooit helemaal klaar is? Waarschijnlijk niet, maar ik heb er vrede mee en kan leven. En de vragen aan het begin? Die negeer ik tegenwoordig. Ik heb alleen verantwoording tegenover mezelf af te leggen!

Blogannika

Ik weet zelfs de titel niet meer!

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

Ken je dat gevoel dat je de helft vergeet? Nee, dan ben je in ieder geval nog niet aan het demiteren. Ik ook niet hoor, maar ik heb wel vaak het gevoel dat ik iets vergeet. Zo vaak dat ik het liefst ook zo’n steen wil hebben als Marcel (Harry Potter). Maar helaas ik ben nog geen winkel tegengekomen die ze verkoopt en op de wegisweg kom ik toch niet zo makkelijk als dat ik gedacht had.

Ik zit voor de zoveelste keer deze week me af te vragen wat ik nou weer vergeet, ik heb er haast hoofdpijn van. Ben ik vergeten mijn blog online te zetten? Nee, dat is gebeurd. Ben ik dan vergeten om iets te vragen? Nee, dat kan ik me niet herinneren. Ben ik dan vergeten om mijn cavia eten te geven? Nee, want dan had dat beestje echt niet achter zijn etensbal aangerend. En toch blijft het gevoel maar knagen…

Het zal me vast wel weer een keer te binnen schieten, hopelijk heb ik op dat moment pen en papier bij de hand of mijn mobiel. Ook al is dat geen garantie dat ik het niet vergeet want ik kijk echt niet elke dag in mijn telefoon om te kijken of ik iets vergeet, want dat vergeet ik gewoon. Dat papiertje raak ik meestal weer zoek en als ik het dan eindelijk weer gevonden heb dan is het of al gebeurd of niet meer belangrijk…

Ik heb er op het moment veel meer last van dan op andere momenten, sterker nog ik had een hele blog in mijn hoofd zitten, maar zoals je kan raden ik ben hem vergeten. Ik weet nog het onderwerp vergeetachtigheid. Ach, tijdens het nadenken vliegen mijn vingers over het toetsenbord en komen de woorden vanzelf op het scherm. Of er nog een verhaallijn in zit? Dat zoeken we straks wel weer uit.

Maar maak je geen zorgen hoor, ondanks dat mijn vergeetachtigheid erger is dan anders, heeft het nog steeds met mijn hersenletsel te maken. Mijn hoofd zit op het moment zo vol met alles waar ik nog ”even” over moet nadenken dat er geen ruimte is voor taken die ik nog moet of wil doen. Ze gebeuren op het moment alleen als ik ze opschrijf in het boekje dat daarvoor bestemd is…. Maar ja, dat vergeet ik regelmatig bij te werken.

Het komt vast wel weer goed, wanneer? Dat weet ik zelf nog niet. Dat zien we vanzelf. Het enigste wat ik wel weet is dat het vanzelf overgaat. Zolang ik maar blijf eten, drinken, slapen en doorgaan. Want zodra ik met een van deze dingen stop dan willen mijn hersenen echt niet meer. Dus het komt wel weer goed…

Don't forget

Vakantie a la Annika

Lees voor met webReader

Door Annika Korving

Op het moment dat jullie deze blog lezen zit ik in de bus op weg naar Italië. Samen met mijn VGW-familie. Inderdaad dezelfde organisatie waarover Evelien en Cynthia ook eens over geblogd hebben. Samen met 62 andere mensen ga ik een geweldige week tegemoet. Skiën, feesten, plezier, grenzen verleggen en een hoop andere dingen en dat allemaal zonder de bezorgde blik van mijn ouders. Wees gerust er gebeuren geen gekke dingen, beloofd.

Ik ben echt even toe aan even een weekje plezier. Want hier in Nederland is er de laatste maanden zoveel gebeurd, iets waar ik nog steeds niet echt over kan praten (of bloggen). Dus deze kans pak ik echt even aan. Even genieten, samen zijn met andere jongeren, en de boel de boel laten en nergens aan denken, behalve dan aan mijn eigen veiligheid en het hebben van plezier.

Twee jaar terug stapte ik voor het eerst de bus in. Ik vond het echt wel een beetje eng. Zou ik het wel leuk vinden, in hoeverre was dat ‘samen-uit, samen-thuis-gevoel’ er? Ik was al wel eens eerder wezen skiën, maar ten eerste was dat met een andere organisatie, ten tweede was ik toen der tijd een heel stuk jonger en ten derde heb ik toen staand geskied. Het was dus helemaal niet te vergelijken.

Maar ik kwam thuis met de wildste verhalen. Wat was dat leuk geweest, zeg. Het was slopend geweest, maar dat was het waard. Ik had een top week gehad en zou het liefst zo snel mogelijk weer op de bus ernaar toe stappen. Helaas kon dat pas weer een jaar later. En hoewel dat een hele andere week geweest was, heb ik genoten en het was net zo slopend.

Ik verwacht dan ook niet dat ik dit jaar minder kapot thuis kom. Want in deze week zijn er even heel weinig (lees: geen) grenzen. Het liefst zou ik helemaal niet slapen om alles mee te maken, maar helaas geeft mijn lichaam echt wel het seintje, stop. Op een manier die met geen pen te beschrijven valt. Dat ga ik dan ook niet proberen. Maar de afgelopen twee jaar is het best goed misgegaan.

Dat willen we dit jaar niet meer. Ik heb daarom besloten om toch eens toe te geven aan mijn grenzen. Ik heb om ADL-hulp gevraagd. Hoewel ik het liefst alles zelf doe, blijkt het niet te kunnen en als ik hiermee mijn gespook kan voorkomen zullen we dat doen. Of dat echt helpt? Over een week kan ik je het vertellen. Ik ga er in ieder geval een top week van maken, tot over een week!

Skiën

Praten met een psycholoog

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

De laatste tijd loop ik weer bij een psycholoog. Niet iets waar ik bijzonder blij mee ben, maar me ervoor schamen doe ik allang niet meer. Helaas denken er nog te veel mensen dat als je bij een psycholoog loopt dat je toch echt wel gek bent of dat je alles niet meer op een rijtje hebt. Maar ze vergeten dat het wel eens kan zijn dat deze mensen al veel te lang sterk zijn gebleven en dat ze nu even hulp nodig hebben om alles een plekje te geven.

Ik heb deze stap bij toeval gemaakt. Toen ik voor het NPO ging moest er eerst gekeken worden waar ze echt naar moesten kijken, daarvoor krijg je een intake bij de psycholoog. Met deze psycholoog klikte het wel. Zij begreep dat het hebben van Cerebrale Parese (CP) een behoorlijke stempel op je leven kan drukken. Op een gegeven moment bood ze aan om me te helpen, ze wilde dat ik wat sterker in mijn schoenen kwam te staan. Ik was blij met deze kans en heb hem gegrepen.

In de afgelopen jaren heb ik met regelmaat te horen gekregen dat mensen vonden dat ik maar eens naar een psycholoog moest. Ze vonden dat het mij wel eens zou kunnen helpen, maar door alle ervaringen in het verleden ging ik meteen steigeren als iemand alleen al het woord psycholoog zei. Ik vond het prima dat anderen er naar toe gingen, maar mij zou je er van zijn lang zullen we leven niet meer zien.  Niet nog iemand die niet zou begrijpen welke rol CP in mijn leven speelt.

Afgelopen maart heb ik een tijdje bij een (verpleegkundig) psycholoog op de huisartsenpraktijk gelopen. Hoe gezellig het ook was, zij was jong en begreep het niet allemaal. Na een paar weken vroeg ze aan mij of ik het nodig vond om vaker te komen. Zij wist niet wat ze voor mij kon betekenen en vond het zonde van onze tijd om daar te gaan zitten. Ik was het met haar eens. Ik was gegaan, dus niemand die nog kon roepen dat het aan mij lag. Ik kon er niets aan doen dat de zoveelste het niet wist.

Een paar weken terug zat ik bij mijn revalidatiearts en hij vond dat het de gesprekken met de psycholoog in februari maar eens afgelopen moesten zijn. Ik ben nog net niet van mijn stoel gedonderd. Hij zei dat ze gewoon geen tijd hebben voor lange trajecten en dat ik die maar buiten de deur moest zoeken, mocht ik er behoeften aan hebben. Toen ik dat later tegen mijn psycholoog zei, antwoordde zij dat ze daar ook al ruzie om gemaakt had met mijn revalidatiearts.

Hoe nu verder? Ik heb geen idee. Iedereen wil dat ik een psycholoog bezoek, nou doe ik dat en wordt er van mij verlangt dat ik het maar buiten mijn revalidatiecentrum zoek. Harder kan het haast niet gezegd worden. Een ding weet ik wel, zodra de gesprekken stoppen zoek ik geen andere psycholoog. Ik heb geen behoefte om weer uit moeten leggen wat CP betekent en vooral wat voor een invloed het heeft op mijn leven. Want ik wil daar geen energie meer insteken, zonde van mijn energie!

Blogannika

Wat gebeurt er veel…

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

We hebben ze allemaal wel eens, die momenten dat je denkt ”help, er gebeurt even te veel in mijn leven”. Zo’n moment had ik een paar weken terug. Ik stond op het punt om naar de Bart de Graaff foundation te gaan, om te gaan pitchen. Hopelijk zou ik dan een Bikkel van het seizoen 2014/2015 mogen zijn. Helaas ben ik niet uitgekozen voor aankomend seizoen, en misschien is dat maar goed ook. Want misschien was dat wel teveel geweest.

Op dat moment had ik spanningen voor mijn examens van afgelopen 05 november. Die spanningen zijn nog niet helemaal weg, want ik moet nog twaalf weken wachten totdat ik de uitslag hoor. Van een vak weet ik hem al (gezakt), maar het definitieve cijfer hoor ik dan pas. Ook had ik spanningen voor de aanvraag van het ZZP, je weet wel, die indicatie die ik wil om begeleid te gaan wonen. Ik hoor waarschijnlijk begin december de beslissing, dus tot die tijd mogen we duimen draaien.

En of dat nog niet genoeg was waren er ook spanningen voor hoe ik het allemaal moest gaan regelen als ik wel een Bikkel had mogen zijn. Ik had heel graag mijn eigen bedrijfje opgezet, maar ik wist even niet meer hoe ik dat met alles moest combineren. Want je wil je daar toch voor 100% voor inzetten. Maar hoe moest dat dan met mijn thuisstudie en met alle andere wensen/plannen? Zou dan nog wel lukken? Gelukkig hoef ik me daar geen zorgen om te maken, want ik ben voor dit seizoen geen Bikkel.

Die spanning is weg, maar de spanning voor mijn rijbewijs is er voor in de plaats gekomen. Want ik heb toch besloten verder te gaan. Die beslissing werd vrij snel na mijn vorige blog genomen. Ik had namelijk mijn instructeur aan de lijn en hij vertelde dat ik niet meer op die locatie examen mocht doen, omdat ik al vier keer gezakt ben. Dan moet je naar BNOR (Bureau Nader Onderzoek Rijvaardigheid). Ik kan die vent van de vorige keer dus helemaal niet nog een keer krijgen, wat een opluchting.

Mijn examen is aangevraagd en de dag voor kerst mag ik me weer uitleven. Ik mag weer examen doen. Hopelijk heb ik dan ondertussen ook meer duidelijkheid over mijn indicatie en misschien zelfs wel over mijn examens. Maar laten we niet teveel hoop hebben. Voor nu moeten we de spanning zien los te laten en ervoor zorgen dat ik eens wat minder stress ervaar. Want hopelijk word ik dan weer wat minder moe en zit ik ook weer wat lekkerder in mijn vel.

help

Rijbewijs? Voorlopig niet!

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

Ik heb ondertussen al een paar keer examen gedaan voor mijn rijbewijs. Helaas heeft dat nog steeds niet als resultaat dat ik mijn rijbewijs daardoor bezit. Op zich helemaal geen probleem, maar het begint ondertussen wel heel vervelend te worden. Vooral omdat iedereen roept dat ik wel instaat ben om mijn rijbewijs te behalen. Alleen het CBR is het op dit moment nog niet met hun eens en wie weet hoelang het nog gaat duren. En op het moment weet ik niet of dat moment er ooit nog gaat komen. Ik twijfel heel erg daarover.

Afgelopen maandag mocht ik weer op, dit keer om voor de vierde keer examen te doen. Mijn instructeur moest ’s ochtends al met een andere leerling waardoor hij wist welke examinator er was. Daar was ik op zich niet ontevreden mee, ik had hem de eerste en tweede keer ook gehad. Dus ik wist hoe hij was, dacht ik. Toen ik binnen stapte herkende hij mij (geen goed teken) en hebben we even zitten lachen. Omdat ik de procedure al kende zijn we meteen gaan rijden. Maar achteraf gezien hadden we beter nog even kunnen kletsen over het examen.

Ik rij het liefst heel zelfstandig, mijn instructeur geeft zodra we gaan starten aan waar we naar toe gaan en dan mag ik zelf plannen hoe we daar terecht komen. Dat werkt voor mij perfect. Ik kan mezelf een stukje duidelijkheid geven en dat geeft een hoop rust in het rijden. Ik geloof niet dat ik snel een stukje ga rijden zonder dat ik weet waar naar toe. Het enigste wat misschien kan voorkomen is dat ik halverwege de route ernaar toe wijzig door een file of zo. Maar op de bonnefooi ergens naar toe rijden zal je mij niet snel zien doen, want daar heb ik moeite mee.

Maar het CBR verwacht dat je er tegen kunt dat de route niet bekend is, je moet er tegen kunnen dat het later veranderd. Daardoor ging het afgelopen maandag eigenlijk op het terrein al mis. Hij gaf niet aan waar we naar toe gingen en bij het volgende kruispunt stond ik zelfs al stil toen ik de opdracht pas kreeg. Door zijn manier van doen werd ik onzeker en blijkbaar heb ik hem dat niet duidelijk weten te krijgen. Ik ging daardoor meer op de auto zitten met kijken en reed rustiger dan nodig omdat ik op het laatste moment van rijrichting wou kunnen wisselen.

Hij begon me zelfs af te snauwen en toen ik de stop-opdracht deed kreeg ik heel venijnig te horen dat ik wel moest wegrijden zodra het kon. Dat had ik niet begrepen en daarom nam ik de beslissing om te wachten op instructies. Toen we even later op weg waren naar de snelweg veranderde hij een paar keer de kant waar we op zouden gaan. Nadat ik aangegeven had dat ik het niet meer snapte kreeg ik met een snauw de rijrichting te horen. Ik was boos dat hij niet wat begrip-voller was als AA-examinator en moest mijn woede binnen houden.

Daarnaast parkeerde de examinator mij in een situatie waarvan hij vond dat ik in staat moest zijn om hem op te lossen. Maar ik overzag de situatie niet meer en werd bang. Daardoor reed ik bijna in op de tunnelmuur, een ingreep. Toen had ik het echt niet meer, ik riep keihard verdomme en begon te janken. Hij zei dat ik gefocust moest blijven, en toen ben ik gaan snauwen. Ik ben naar het CBR gereden heb de auto stilgezet en gezegd dat hij maar met mijn instructeur moest gaan praten omdat ik niet meer voor reden vatbaar was. Dat begreep hij.

Toen kwam de tranen pas echt, ik was voor het eerst in mijn leven doodsbang achter het stuur. Bang om een ongeluk te maken en nog banger dat ik nooit in staat ben om te autorijden. Maar het bangst ben ik om met het CBR weer door die tunnel te moeten. Ik wil die gene van het CBR nooit meer zien en dat terwijl ik een uur daarvoor eigenlijk nog opgelucht was dat ik een bekend gezicht en een aardig iemand zag (dacht ik). Dit was gewoon zo’n enge situatie dat ik gewoon bang ben om de auto in te stappen om verder te lessen want wie weet krijg ik hem wel weer.

Dat dit een situatie is die niet kan blijven bestaan besef ik dondersgoed, maar ik weet even niet wat ik hier mee moet. Ik ben dan ook heel benieuwd hoe jullie, andere mensen met hersenletsel, jullie rijexamen hebben behaald? Hopelijk hebben jullie tips want die kan ik even goed gebruiken!

Autorijden

Examenstress in het kwadraat

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

Sinds dat ik aan mijn HBO SPD Bedrijfsadministratie thuisstudie ben begonnen weet ik dat er ooit een moment komt dat ik examen moet doen in bepaalde vakken. In eerste instantie maakte ik me daar totaal niet druk om, het kwam wel op het moment dat ik daar klaar voor was. Alleen dat moment kwam maar niet. Het lukte me maar niet om mezelf te verplichten om te studeren.

Mijn opdrachten voor Communicatieve vaardigheden heb ik dan ook alleen maar afgekregen omdat ik met de dames van Brainstormt een deadline had afgesproken. Alleen de rest van de vakken bestaan niet uit opdrachten die ik in het bedrijfsleven kon oplossen, dus deadlines afspreken had geen zin. Dit moest ik op eigen kracht gaan doen, maar hoe je dat zonder een stok achter de deur?

Door toch een stok achter de deur te plaatsen. Ik besloot te kijken wanneer ik examen kon doen, helaas bleek flexibel examen doen toch niet mogelijk. De enigste en eerstvolgende mogelijkheid was in november aanstaande en dan meteen voor vier van de zes vakken. Dat was even slikken. Hoe moest ik hiermee omgaan? Wat was de beste beslissing? Ik wist alleen dat vier vakken te zwaar zou worden, maar waar lag de grens?

Na overleg met mijn ouders was de knop doorgehakt. Ik zou drie van de vier examens gaan doen, waarvan een moeilijk vak. Het andere moeilijke vak zou ik laten liggen tot de volgende keer. Alleen was dat allemaal wel reëel? Ik besloot het LOI te mailen met de vragen. Onder andere waar de examens plaatsvinden, van hoe laat tot hoe laat en de allerbelangrijkste of ik gebruik mocht maken van een laptop, want anders zou het heel zwaar worden.

Na alle informatie binnen te hebben en de toestemming voor de laptop besloot ik me in te schrijven voor de drie vakken. Het was reëel en te doen. Dus ik ging met goede moed aan de slag. De eerste weken was het allemaal goed te doen, sterker nog ik liep voor op mijn schema. Maar toen gebeurde er een paar weken achter elkaar onverwachte gebeurtenissen en kon ik mezelf niet aan het studeren zetten.

Na een paar weken ging het weer en besloot ik langzaam aan de achterstand in te gaan halen. Ik had er weer zin in. Alleen het was wel heel veel, het lukte haast niet meer. Ik zat van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat te leren. Ik begon chagrijnig te worden en het huilen stond me nadere dan het lachen. Op een avond na een goed gesprek met mijn vader besloot ik om er een vak te laten vallen voor dit examenmoment. Dat geeft rust.

Dat dacht ik tenminste, een week later werd ik ziek en kon ik me weer niet concentreren en de ellende begon weer van voor af aan. Gelukkig valt de achterstand nu mee. Ik hoef nu niet meer van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat te studeren, maar nog wel zeven dagen per week. Ach, blijkbaar houd ik van examenstress.

Studeren 23-01-2014 - bewerkt

Hersenletsel gebruiken als excuus

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

We zoeken allemaal weleens een excuus als we ergens geen zin in hebben. Helemaal geen probleem, we kunnen niet alleen maar doorgaan en onszelf voorhouden dat we het moeten doen. Want zo werkt het leven niet, er zijn dingen die moeten, maar soms mag je wel even laten merken dat je het er niet mee eens bent. Het is alleen wel belangrijk om het goede excuus te zoeken en niet een slap excuus waar iedereen van weet dat het niet waar kan zijn.

Nou zullen mensen die geen hersenletsel hebben denken dat wij altijd een mooi excuus hebben als we ergens geen zin in hebben, want we zeggen gewoon dat het niet kan, omdat we te moe zijn of omdat er dan teveel prikkels zijn. Wij, mensen met hersenletsel, weten dat we ons meestal niet laten tegenhouden door onze moeheid en teveel prikkels. Als het kan passen we de activiteit aan en anders nemen we het weleens voor lief en moeten we later de gevolgen accepteren.

Iedereen met hersenletsel zal het bovenstaande herkenen. Maar ook wij hebben weleens een baaldag. Ik in ieder geval wel, en dan is het me allemaal snel te veel en kan ik niet accepteren dat het gaat zoals het gaat. Ik roep dan al snel dat het niet gaat, dat ik het niet kan en dat ik het niet wil. Aan de ene kant de waarheid aan de andere kant niet helemaal. Want als ik het onder normale omstandigheden kan, dan kan ik het ook als ik een baaldag heb, ik moet er alleen iets meer energie insteken en er iets langer overdoen.

En laat dat nou zijn waar ik net geen zin in heb. Ik ben dan al snel geneigd om hulp in te schakelen. Want juist op een baaldag kan ik mijn energie goed gebruiken, een legale reden om hulp in te schakelen, zou je zeggen. Mijn vader en ik verschillen daarin van mening. Hij wil me best helpen, maar dan moet ik het echt niet kunnen. Hij komt niet helpen, omdat ik er het bijltje bij neer gooi en hij daarna de troep op moet ruimen. Laatst hadden we daar ook een gesprek over, want hij was het niet eens met mijn hulpvraag.

Want waarom moest hij tegenwoordig bij het brood smeren ook de korsten eraf halen, vroeger deed ik het zelf. Tegenwoordig lukt het haast niet meer door de spasme in mijn rechterhand, mijn kootjes lijken wel op slot te schieten. Ik heb dus liever dat iemand anders het doet en dat geef ik ook aan. Maar mijn vader heeft daar meer moeite mee dan ik en dat maakt het mij lastig. Hij ziet het als een excuus en ik zie het als noodzaak. Ach, hij doet het, met af en toe een beetje mopperen er tussendoor. Maar hij doet het en daar ben ik hem dankbaar voor. Maar als ik dat te hard zeg gaat hij nog naast zijn schoenen lopen.

unnamed

Accepteren gaat niet vanzelf

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

Al dagen loop ik met de gedachten rond: ‘ik moet nog een blog schrijven voor Brainstormt’, en elke keer moet ik het weer uitstellen. Ik kan geen goed onderwerp vinden om over te bloggen. Mijn collega-bloggers lukt het elke keer weer om een goed onderwerp neer te zetten. De een blogt met regelmaat over haar verleden, de ander over haar ervaringen met instanties. En ik, ik kom met blogs over mijn acceptatie ervan. Een onderwerp dat heel erg bij mij speelt, maar waar ik helemaal niet over wil schrijven.

Ik wil dat het allemaal normaal zou zijn, en dan bedoel ik niet normaal in de zin van het zou er niet mogen zijn, nee normaal in de zin van dat ik het allemaal al geaccepteerd had, dat het goed is. Ik zou er om willen kunnen lachen en heel luchtig tegenaan willen kijken, maar dat lukt mij nog steeds niet altijd. Nog te vaak vraag ik me af wat de wereld ervan vindt en hoe zij tegen mij aan kijken. Zien zij ook dat meisje dat vecht met haar handicap of zien zij toch wat ik wil uitstralen, die vrouw die kracht uitstraalt en die het helemaal voor elkaar heeft?

Ik zou hier helemaal niet mee bezig moeten zijn, maar als ik dat niet zou doen, dan zou het betekenen dat ik het eindelijk geaccepteerd heb, maar dat is nog niet het geval. Ik vecht nog met regelmaat tegen mezelf, tegen mijn vermoeidheid en vooral tegen mijn omgeving. Ik zal hier doorheen moeten, dat weet ik. Het liefst zou ik hier hulp bij krijgen maar als een (verpleegkundig) psycholoog zegt dat ik op de goede weg ben, dan moet ik daar toch maar in geloven en hier mee doorgaan.

Maar ook ik ben er wel eens helemaal klaar mee en wil alleen maar janken, janken van frustratie. Want waarom lukt het ieder ander wel en mij niet? En als ik daar niet om kan janken dan kan ik er wel om janken dat het mij niet lukt om alleen maar positieve blogs te schrijven over het leven met een beperking of in ieder geval blogs met een positieve insteek. Want ik snap best dat het leven niet altijd leuk is, maar wie wil dat nou lezen? Mensen lezen en reageren veel sneller op de vrolijke blogs dan die deprimerende blogs van mij.

Ik weet dat hier genoeg mensen mee vechten, alleen het lukt mij niet helemaal om mezelf dat in te prenten. En hoewel dit misschien nog wel bewijst dat ik sterker sta dan een paar maanden geleden vind ook ik het dood eng om dit soort blogs online te zetten. Want gaan mensen niet denken: dat ik helemaal de weg kwijt ben en dat ik hulp nodig heb? Ik ben op zich een heel vrolijk meisje, alleen dit is een onderwerp waar ik iets meer moeite mee heb. Maar ondanks dat geniet ik volop van het leven, vertrouw mij daar maar op!

help

Hulp vragen – het vervolg

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

In mijn vorige blog schreef ik over hulp vragen. Ik was naar mijn moeder gestapt met de vraag of we niet eens iets kunnen gaan doen aan al die mensen die mij te hoog inschatten en mij daarom maar met een beetje thuiszorg in een huisje willen stoppen. Mijn moeder begreep dat het mij allemaal wel eens even te veel werd en dat ik meer hulp nodig had. Maar zij gaf ook aan dat ze niet wist waar ze moest beginnen en waar ze wel hulp bij moest geven en waarbij niet. Ik zei dat het me niet uit maakte waar we begonnen, zolang we maar begonnen.

Mijn moeder is toen naar een organisatie gaan bellen die huizen aanbiedt voor mensen met een lichamelijke beperking, verstandelijke beperking en niet-aangeboren-hersenletsel. Misschien konden zij ons verder helpen. Het was niet de gebruikelijke weg, maar toen mijn moeder uitlegde waarom we deze weg bewandelden, snapten ze het wel. We mochten langskomen voor een gesprek, zodat ze konden kijken of ze iets voor mij konden betekenen. Ik was opgelucht, want er werd niet meteen nee gezegd, iets waar ik wel op gerekend had.

Het gesprek verliep in het begin helemaal niet zoals ik had gehoopt. Er werd verteld hoe het precies in elkaar zat met een ZZP (ZorgZwaarte Pakket) en hoe het in zijn werk ging. Meteen zakte de moed mij in mijn schoenen, want dan kwam ik er nooit voor in aanmerking. Toch had diegene van de organisatie nog moed. Ze stelde voor om een vragenlijst in te vullen, zodat we een goed beeld kregen. Het begon met hoe sociaal redzaam ik ben. Als  je daar zelfstandig in bent, dan hoor je niet in woongroepen thuis.

Alleen vanaf de eerste vraag kwam het erop neer dat ik dat niet ben. Op een heleboel vragen kwam vaak tot altijd uit. Mijn moeder kreeg de bevestiging die ze eigenlijk al twintig jaar wilde, maar die ik tegenhouden heb. Voor mij was het een klap in mijn gezicht, omdat ik nu moest bekennen dat ik echt een cognitieve stoornis heb en het moet gaan accepteren. Maar zelfs aan het gezicht van diegene die de vragen stelde was te merken dat ze dit niet verwacht had. Zo blijkt maar weer hoe goed mensen zich kunnen vergissen als ze afgaan op de buitenkant.

De conclusie op het eerste gezicht is dat ik een twijfelgeval ben. Misschien dat de ZZP-verstrekker er anders over denkt, maar dat risico willen we niet nemen. Het is sowieso verstandig om dit goed te onderbouwen, door middel van testen en andere verslagen, maar in mijn geval helemaal. We hebben afgesproken dat ik nu een neuropsychologisch onderzoek (NPO) laat doen, wat  aantoont dat het ook zo is, zoals het op papier staat. Daarnaast ga ik natuurlijk opzoek naar zoveel mogelijk verslagen. Maar eerst de huisarts.

Helaas dacht die er heel anders over. Want de geestelijke gezondheidszorg is zo ontzettend duur geworden dat ze liever geen NPO voorschreef. Maar ze zou gaan overleggen. De eerste keer dat ik teruggebeld werd kreeg ik te horen dat ze het nut nog niet inzag van het onderzoek en dat ze eerst nog meer mensen wilde benaderen. Ik heb haar het telefoonnummer gegeven van de organisatie waarbij ik op gesprek ben geweest. De tweede keer belde ze terug met positiever nieuws, het NPO gaat plaatsvinden!

Annika4

Hulp vragen

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

Iedereen heeft hulp nodig in het leven. Hoe ouder je wordt, hoe zelfstandiger je wordt. Natuurlijk neemt de hulpvraag als je op leeftijd bent wel weer toe. Maar bij mij als lichamelijke beperkte met hersenletsel, chronische pijnen en vermoeidheid gaat deze redenering niet op. Ik was een jaar of twaalf toen de chronische pijnen en vermoeidheid begonnen. Ondertussen ben ik twintig en heb ik de hele dag door pijn en ben ik regelmatig zo moe dat ik even niks moet doen. Ik hoef niet perse naar bed dan, maar wel even niks doen, met muziek aan op bed en voor de rest geen prikkels.

Hulp vragen bij activiteiten is voor mij heel moeilijk. Van huis uit heb ik altijd meegekregen: doe wat je kunt. Als ik alle activiteiten los neem kan ik ze allemaal, maar allemaal achter elkaar wordt een probleem. Ik heb geen energie om ’s ochtends op te staan, mezelf te douchen, aan te kleden, te ontbijten,  het huishouden te doen,  lunchen, even tijd voor mezelf, koken, televisie kijken en naar bed. Ik ben blij als ik dit in een week tijd kan doen en waarschijnlijk is dat zelfs te veel. Maar ondertussen ben ik wel een twintiger en wil heel graag (begeleid) op mezelf wonen.

Helaas is er geen instantie die mij begrijpt en iedereen vind mij te licht gehandicapt. Want hoezo kan ik mezelf niet douchen en aankleden? Je hebt net een kop thee voor iemands neus gezet. Dat ik de hele dag heb moeten uitkijken met mijn activiteiten, snappen ze niet. Ik heb toegeleefd naar dit moment en geprobeerd zo min mogelijk energie te verbruiken. Straks aan het einde van het gesprek kijk ik of ik nog energie heb voor een huishoudelijke klus. Maar eerst proberen duidelijk te maken hoe het met mij gesteld is.

Waarschijnlijk kan ik niet duidelijk maken hoe de situatie hier thuis is. Want ondanks het feit dat mijn ouders alle huishoudelijke klussen kunnen overnemen, kunnen ze niet mijn energie-level aanvullen. Het is helaas  geen computerspel. De situatie hier in huis begint met de week zwaarder te worden, zeker toen ik tijdens mijn vakantie even heb kunnen toegeven aan mijn handicap en de hulp kon vragen die nodig was. Dat was heerlijk. Maar hier bij mijn ouders moet ik oppassen, want ik kan mijn rolstoel niet draaien in huis, dus die hoef ik ook niet te pakken.

Bij mij zit de situatie hoog en ik weet niet meer hoe ik deze aan instanties duidelijk moet maken. Heb ik een communicatieprobleem of schat iedereen mij te hoog in? Het begint mij boven mijn hoofd te groeien en ik heb daarom mijn moeder om hulp gevraagd. Hopelijk kunnen we samen duidelijk maken dat er echt iets moet gebeuren. Maar ik vraag me af of zelfs mijn moeder mij begrijpt, want ook tussen ons lopen mijn hulpvragen wel eens stuk. Misschien lukt het door het op mijn voorhoofd te zetten.  Ik hoop dat er ooit iemand komt die mij kan helpen. Ik werk keihard aan een oplossing.

help

Open en eerlijk zijn over je hersenletsel

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

Waar de een heel makkelijk over zijn hersenletsel kletst, klapt de ander dicht zodra hij of zij het woord hoort. Sommige mensen durven er eerlijk voor uit te komen dat ze hersenletsel hebben, anderen houden het liever op hun lichamelijke klachten. Ik snap waar mensen bang voor zijn, want je vertelt wel ineens aan de wereld dat je iets anders bent in je bovenkamer. Maar is deze angst wel terecht? Of hebben we een verkeerd beeld van de mensen om ons heen?

Vroeger kon ik alleen maar bewondering hebben voor mensen die er eerlijk voor uit kwamen. Zelf hield ik de buitenwereld op dat gebied liever op afstand. Want er waren genoeg mensen die opeens konden gaan denken dat ik niet helemaal honderd ben. En dat wilde ik echt niet, mensen mochten van alles denken en zeggen, maar wat over mijn hersenen zeggen, daar lag de grens. Stel je voor dat er ineens mensen zijn die mij gaan behandelen alsof ik verstandelijk niet in orde ben.

Maar waarom konden die mensen die er eerlijk voor uit kwamen er dan wel zo makkelijk over praten? Ik denk dat zij ook weleens vervelende reacties gehad hebben. Maar dat de manier waarop zij ermee om gegaan zijn bepaald heeft of ze er in de toekomst nog zo open over konden praten. Het zou ook kunnen zijn dat zij geluk gehad hebben en niemand met rotte opmerkingen tegen kwamen. Maar dat kan ik niet geloven. Of hebben ze alleen hun mond open gedaan bij mensen met ervaring en bij hulpverleners? Maar zelfs daar zitten harde opmerkingen tussen.

Toch ben ook ik opener geworden over mijn hersenletsel. Niet dat de angst om voor gek verklaard te worden niet in mijn achterhoofd zit, maar ik laat de angst niet meer overheersen. En raad eens! De reacties vallen mij nog geen eens heel erg tegen. Natuurlijk zit er wel eens een rot opmerking bij, maar die krijg ik ook als ik het over mijn lichamelijke klachten heb. En als mensen denken dat ik niet helemaal honderd ben, dan weet ik gelukkig wel beter.

Maar voorzichtig blijf ik wel. Ik zal het niet op mijn voorhoofd zetten of er mee te koop lopen wat de gevolgen zijn van mijn hersenletsel. Zo vind ik het makkelijker om het er met lotgenoten over te hebben dan met mensen waar ik het eigenlijk altijd een beetje bij ontkent heb. Gelukkig gaan we steeds een stapje vooruit en komen die mensen het ook wel te weten. Alleen daar moet ik nog even moed voor verzamelen.

Blogannika

Eigenwijs vechten én accepteren

Lees voor met webReader

Door: Annika Korving

We hebben allemaal wel iets wat we moeilijk vinden om te accepteren. De een heeft er meer moeite mee dan een ander. Daarom staat voor het acceptatieproces geen vaste tijd. Zo heb ik zelf moeite met de cognitieve gevolgen van mijn hersenbeschadiging. Maar dat mag van mijzelf niet de rest van mijn leven gaan beïnvloeden, daarom ga ik er iets aan doen. We gaan ze accepteren!

Dat een hersenbeschadiging gevolgen heeft dat weet iedere wereldburger. Dat het bij de een meer gevolgen heeft dan bij een ander is logisch. Bij de een hebben de lichamelijke gevolgen de overhand, bij de ander de cognitieve gevolgen. Maar de cognitieve gevolgen van een hersenbeschadiging zijn misschien nog wel het moeilijkst te accepteren, zelf vind ik dat wel.

Ik heb heel lang mijn lichaam lopen verbeteren om de cognitieve gevolgen niet te zien. Operaties werden uitgevoerd, want dan zou het allemaal wel beter gaan functioneren. Eigenlijk heb ik alleen mezelf heel erg voor de gek gehouden, want het kan wel iets beter worden, maar als ze iets aan mijn spieren veranderen, verandert er niks in mijn hersenen. Mijn hersenbeschadiging werd niet minder.

Eindelijk zit ik midden in het acceptatieproces van mijn cognitieve gevolgen. Ik moet accepteren dat ik wel kan blijven vechten, maar het mij dan eigenlijk alleen maar meer moeite gaat kosten, zowel lichamelijk als geestelijk. Waardoor ik mij eigenlijk alleen nog maar rotter ga voelen, wat ook geen goede invloed heeft op de gevolgen van mijn hersenbeschadiging. Hoe meer ik aan mijn hoofd heb, hoe meer ik vergeet te doen en het kost nog meer energie.

Daarom heb ik besloten dat ik eens wat ga doen tegen dat vechten. Ik heb een hekel aan psychologen en andere artsen die het verleden naar boven halen, omdat je je verleden moet accepteren. Dus bij zo’n persoon zal je mij niet snel zien voor af en toe een goed gesprek, helemaal geen behoeften aan. Ik heb, zo eigenwijs als ik ben, met mezelf afgesproken dat ik zelf mijn hersenbeschadiging ga accepteren zonder hulp van zulke personen.

hersen